30-01-06

HET KABINET VAN BURGEMEESTER MARC WACKENIER

Ik ben op bezoek bij burgemeester Marc Wackenier.  Hij verwelkomt me in zijn bureau op het gemeentehuis.

Burgemeester, is dat hier uw kantoor?

MW: Ja, dat is inderdaad mijn kabinet.  En ge ziet, het is opgesmukt met de foto’s van Alveringem anno 1920…

Maar er is nog niets veranderd.

MW: Wel, we gaan zeggen dat de mensen allemaal dezelfde gebleven zijn.  Kijk, ge ziet daar, die zijn allemaal 110 jaar hé. 

Jajaja.

MW: En ik woonde dus hier hé.  Ge kunt nog altijd zien… mijn ouderlijke woning staat daar ook op.  Voila, daar in die hoek.  Maar dat is wel mijn moeder niet die buiten staat hé.  Dus, ik woonde hier vroeger.

Amai, wat een riante woning.

MW: En het ludieke van het geval is misschien wel dat, dat dat nu een funerarium is, allez...   Ge ziet dat de tijden veranderen en dat alles evolueert hé.

Zeg, maar dat is wel een riante woning hé.

MW: Ja, dat was een notariswoning hé.  Vroeger heeft daar ooit een notaris gewoond en dat is dan verdeeld geweest in drie verschillende woningen, en één daarvan was van mijn ouders. Mijn ouders waren middenstanders en ik ben dus beroepsburgemeester hé.  Zoals ge dat moogt zeggen. 

Ja maar, u was ook een middenstander vroeger.

MW: Euh neen, neen, ik was geen middenstander.  Ik heb vroeger nog gewerkt bij het ministerie van financiën, dus ik was eigenlijk staatsambtenaar, in Antwerpen de import en export controleren, als verificateur, dat is geen middenstander, maar hardwerkende, weinig drinkende ambtenaar.  Jaja, ge lacht ermee, maar zo is het inderdaad hé.  En daarom ben ik ook vertrokken uit Antwerpen, omdat ik misschien van dat laatste te weinig kon, en van dat eerste te veel deed, en dus ben ik maar weer naar de Westhoek gekomen, met het gevolg dat ik in de politiek verzeild geraakt ben.

Als u wilt drinken, dan moet u in de politiek geraken.

MW: Neenee, dat is juist… Ge draait alles om hé.  Ik zeg dus dat ik van het ene te weinig deed en van het andere te veel….

Ja maar, wacht eens, wacht eens…

MW: Ik werkte te veel en ik dronk te weinig, dus ik heb die kwaliteiten behouden…

Dus u wou meer drinken…

MW: Neen, ik werk nog altijd even veel en ik drink nog altijd even weinig.  Maar ik drink nu misschien wel te veel koffie, dat is zowat de burgemeestersziekte geloof ik op dit moment.  Het is wel Max Havelaar-koffie, we zijn ons wel bewust van de duurzaamheid en van de ontwikkelingsproblematiek van de mensen om ons heen.   Maar dat is dus inderdaad Alveringem, anno 1920-1925, ge ziet dus een prachtig dorp, prachtige gemeente, maar inderdaad er is heel veel, alles is veranderd hé.  Alleen, ik zeg het, de inwoners niet.  Ge ziet dus families op staan, met tien kinderen, met vijftien kinderen, ook dat is veranderd.  We zijn dus op dat vlak misschien een beetje aan het achteruitboeren.

De mensen hier zijn niet meer zo potent als vroeger.

MW: Goh, ik weet het niet.   In ieder geval niet meer op het dorp,.  Dat is misschien de uitleg van een politieker, maar in ieder geval op het dorp zijn ze niet meer zo potent.  In ieder geval, ze tonen het niet, de middelen ertoe zijn ook wel veranderd.  Dat is mijn kabinet hier, als burgemeester zit ik hier elke dag. Ik kom hier iedere dag, ze zijn me nog niet moe gezien, hoop ik toch, op het gemeentehuis.  En dat geloof ik ook.  Het is hier prachtig resideren, het is een gebouw van 1604-1608, dus ik hoop dat ik hier ook zo lang mag blijven als dat gebouw oud is, maar dat zal wel geen waar zijn waarschijnlijk.

Uw ouders waren middenstanders, maar u bent toch ook een tijdje middenstander geweest? 

MW: Ja, ik ben een tijdje lang middenstander geweest.  Ik heb zo ook een beetje van alles geweest.  Ik ben student geweest in Gent, na Gent ben ik dan verzeild geraakt, hier terug, in Antwerpen eerst, bij de douane, zoals ik gezegd heb, en van de douane ben ik dan terug in de streek terug gekomen, bij een drukkerij, als vertegenwoordiger van publiciteit.  En dan ben ik maar een eigen zaak opgestart, een eigen advertentieblad met de welluidende naam ‘Raak’, ik maak geen reclame ervoor natuurlijk, het is opgedoekt, en nu ben ik dus beroepsburgemeester hé.  Ik heb zowat alles doorvaren wat maar mogelijk is, geloof ik. Ik weet één zaak, dat ze zeker problemen gaan hebben later om mijn pensioen uit te rekenen, want dat al die fiches dus, want ik geloof dat er zes of zeven of acht verschillende zullen zijn op dit ogenblik, en als je weet hoe dat werkt, daar in Brussel, daar op die toren, dan zal dat waarschijnlijk een heel groot probleem zijn.  Nu, voor mij geen probleem, in ieder geval, ik hoop dat ik die pensioenleeftijd ooit haal, en we zullen dan wel zien.

  

HOMOHUWELIJK

 

Alveringem onder Marc Wackenier is uitgegroeid tot een vooruitstrevende gemeente waar dingen kunnen die men van een plattelandsgemeente niet meteen zou verwachten, zoals bijvoorbeeld het homohuwelijk.

MW: Wij waren voorloper daarin.  Ik denk dat wij één van de eerste gemeenten waren in Vlaanderen waar dat ik de eer en het genoegen had, om twee mannen in de echt te verbinden, als ik het zo mag zeggen, en twee vrouwen, de week daarop, twee vrouwen ook, en gelukkig is het daarbij gebleven, is er geen wisselwerking geweest tussen die twee -- die man en die vrouw, en die vrouw en die man niet – maar in ieder geval,  ik heb de eerste twee mannen van de ganse regio gehuwd, en ook de eerste twee vrouwtjes van de ganse regio.  En ik moet zeggen, dat waren prachtige huwelijken.  Die mensen zijn open, zij vertellen alles.  Allez, wij hebben daar echt een fantastisch huwelijksfeest, hier in deze zaal meegemaakt.

Ah, dat is ook een zaal hier?

MW: Jaja.  Een trouwzaal.  Ik spreek van kabinet, maar gij noemt het een zaal.

Ah, het is een zaal eigenlijk.

MW:  Alveringem is een gemeente waar alle lokalen ook zalen zijn, want er wordt overal vergaderd waar wij ook maar kunnen. Er zijn hier zoveel vergaderingen, zoveel organisaties, en wij gebruiken alles wat hebben om te vergaderen.  Als wij met tweeën zijn, vergaderen wij.

Als uw bureau een vergaderzaal is, dan zit u hier ook niet vaak op uw gemak?

MW: Ja, waarom zou ik niet op mijn gemak zitten?  Ik doe de deur toe en dan zit ik hier ook alleen.

En dan wordt uw privacy gerespecteerd?

MW: Voila.  Daar staat de knop om de deur te openen.  En dan wordt de privacy uiteraard gerespecteerd.  Nu, het is wel zo, wij kennen ook Jan en alleman, als ze weten dat uw auto hier staat, dan is dat al voldoende, opdat ge niet meer, dat die privacy niet meer gerespecteerd wordt, dan komen ze toch binnen hé.  Maar dat geeft niet.  Dat is een stuk van de openbaarheid van de functie, denk ik, daarmee leven wij.   Daarvoor hebben we gekozen.

Het is dat hé, u hebt erom gevraagd hé.

MW:  Tuurlijk. Al hetgeen wij om vragen, wij hebben daar geen probleem mee.

17:04 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.