27-01-06

SCHEIDSRECHTER BONTE

Jean-Marie Bonte richtte 36 jaar geleden samen met enkele vrienden uit zijn wijk de voetbalploeg 'De Gavervrienden' op.  Jarenlang speelde de ploeg niet in competitie.  Jean-Marie was speler in de ploeg, maar na verloop van tijd begon hij bij gebrek aan een scheidsrechter de wedstrijden van zijn ploeg te fluiten.

 

JMB: In die competitie is elke ploeg verplicht om een vlaggeman te hebben.  En aangezien ik 25 jaar de thuiswedstrijden van de Gavervrienden gefloten heb, mag ik in eigen competitie de eigen ploeg niet meer fluiten, dus ik moeste keuzen maken: het één of het ander.  En zo depanneer ik ze nog een beetje als er moet gevlagd worden, en fungeer ik nog een beetje als vlaggeman.

Ja, dat is simpel ook hé, vlaggeman.  Je moet maar één helft doen.

JMB: Het is ambetanter, het is ambetanter (loopt weg achteruit) 

Waarom is het ambetanter?

JMB: Och, ge moet heel goed oplettend zijn, en aan de andere kant zijt ge minder actief bezig dan een scheidsrechter.  Als ik moet kiezen tussen scheidsrechteren en lijnrechteren, heb ik liever lijnrechter spelen, maar goed ja, het is een passie, we zijn geboren met voetbalgenen hé.  De familie Bonte is een bekende familie geweest, die altijd gevoetbald heeft.

International en zo?

JMB: Neeneenee.  Mijn pa was een uitstekende speler…

Bij wie?

JMB: Bij Schor.  Bij Oostrozebeke.

Ach ja, in eerste klasse dus?

JMB: Neeneenee, het hoogste dat Schor Oostrozebeke gespeeld heeft, is eerste provinciale.  Dus eerste provinciale, en dat was een hele goeie voetballer.  Ik moet nu nog altijd regelmatig mensen tegenkomen, over heel West-Vlaanderen, die als ze mijn naam horen, een Bonte, dat ze zeggen: ‘Jamaar, wienste zoon zij je gij?  Gaby Bonte’s?  Ah ja, ik heb daar nog tegen gevoetbald.’  Jaja, dat gebeurt vrij regelmatig.  Dus, het zit in ons bloed.

En was u ook zelf een goeie voetballer?

JMB: Nee.

Allez, het zat niet helemaal in het bloed dan?

JMB: Nee, nee, nee, ik heb er maar een stukske van mee gekregen, in vergelijking met wat mijn zoon nu presteert.  Mijn broer was een goeie voetballer.  Mijn broer heeft het gehaald tot de eerste ploeg van Oostrozebeke, maar ikzelf niet.

U was beter als balletdanser?

JMB: Ja, zo kun je het soms noemen.  Zo kun je het soms noemen.   En dan zijn we in het jaar ’70 gestart met een paar mensen in de woonwijk met de oprichting van een voetbalploeg, dus de Gavervrienden, dat is een ploeg die ontstaan is op de Gaverwijk, naar Wielsbeke toe, en zo is dat, zo is dat blijven fungeren.  Wij spelen nu voor het 35ste seizoen op rij.

En waarom bent u dan begonnen als scheidsrechter?

JMB: Gewoon omdat er geen mensen genoeg te vinden waren om de wedstrijden te fluiten.  Dus de liefhebberij was niet zo groot, en op een bepaalde moment moesten wij iedere week vaststellen dat er geen scheidsrechter voorhanden was, en dan zeg je ‘ja, dan neem ik mijn verantwoordelijkheid.’

En doordat je toch een beetje een bazig type bent die aan iedereen wil zeggen wat ze moeten doen en zo…

JMB: Wel, ik weet het niet, ja, of dat dat er iets mee te maken heeft.  Misschien toch een beetje in het vaartje, euh, in het aardje dat het zit.  Ik weet het niet, of dat dat er mee te maken heeft, neen.

Burgemeester, als uw ploeg scoort, als uw ploeg scoort, ja, staat u hier dan te juichen.

JMB: Ah, tuurlijk.

Ah, dat mag als lijnrechter.

JMB: Dat mag, dat mag.

Dan zwaait u met uw vlag en…

JMB: Neenee, neenee, we zijn nu niet van het type dat zodanige mouvementen maakt dat eigenlijk heel het plein het moet weten, maar dan zijn we content ermee, absoluut, absoluut.  Maar we zitten in een middelmatig seizoen dit jaar.  Het loopt niet zoals we ons vooropgesteld hadden.

Ja, ik moet ook zeggen, ik vind het niet echt een topploeg.

JMB: Ja? We hebben het wel over de blauwe hé.

Ah, die zijn een stuk beter, ja.

JMB (lacht en spurt achteruit).

Allez de blauwe!  Burgemeester, roep maar, allez de Blauwe.

JMB: Roepen mag ik niet doen. Je moet een beetje neutraliteit bewaren hé.  Ik mag wel mijn vreugde uiten op het moment dat er een goal gemaakt wordt, en anderzijds de frustratie als er één tegen gemaakt wordt hé, als de tegenstander scoort, en het zal geen makkelijke match zijn, want we spelen tegen de derde in het klassement, zodus…

Ja, en het zijn ambetante mannekes hé.

JMB: Dat moet hé, dat moet hé, dat is een beetje eigen aan het spel hé.  Voetbal is een redelijk harde contactsport, zonder daarom brutaal te moeten zijn…

Ik zou zeggen, het is veel lopen, maar het is meer achterwaarts lopen, zie ik.

JMB: Jajaja, als lijnrechter moet je inderdaad meer achterwaarts lopen, om, ja de zijlijn doen is niet evident, maar ik fungeer liever als scheidsrechter, ik vind het interessanter, ge zijt meer betrokken bij het spel, en nu alleszins vandaag.

En ge kunt eens fluiten hé.

JMB: Jajaja, al mijn attributen, die zitten altijd in mijn wagen hé.  Dus, om het even waar ik rij, dan zit mijn volledige uitrusting in de wagen.

En traint u daar ook op?

JMB: Neenee, ik mag al blij zijn dat ik…

Ja, misschien thuis met een fluitje?

JMB: Neenee, er is geen enkele aanleiding om thuis met een fluitje rond te lopen, absoluut niet, neeneenee.  Trainen, nee, daar heb ik geen tijd meer voor.  Ik acht me al zeer gelukkig dat er binnen mijn drukke agenda nog wekelijks een uur of twee tijd vrij blijft …

Oeioeioei!!!!  Ah, ja!

JMB: Om ofwel zelf actief langs de lijn bezig te zijn, of ofwel de wedstrijden van de zoon te kunnen volgen.  Ik vind dat al een zeer grote luxe dat Oostrozebeke me geeft.

 JMB: Jaja, je staat meer stil dan dat je inderdaad actief beweegt.  Het is daarom ook dat ik zeg dat ik liever scheidsrechter ben dan grensrechter.  Maar goed ja, ik doe dat eigenlijk in het belang van de ploeg.  We zijn nog altijd content dat… het is nu de derde generatie die aan het voetballen is bij ons, Gavervrienden, dus dat bewijst dat ze nog een beetje betrokkenheid willen, niettegenstaande dat ze weten dat je niet meer zo actief aanwezig kunt zijn op bijeenkomsten, vergaderingen, wedstrijden.  De wedstrijden op verplaatsing ga ik in principe niet meer mee, tenzij dat ze echt in de knoei zitten met de grensrechter, dat ze niemand gevonden hebben, want er zijn niet zoveel die dat nog willen doen hé. 

Ja, het is niets… Zeg, en als scheidsrechter, ja, je maakt je waarschijnlijk niet altijd populair.  Is het nooit gebeurd dat u op de loop moest of zo?

JMB: Neen, op de loop ben ik nog nooit moeten gaan.

Maar u hebt wel moeten vechten, of in de klappen gedeeld?

JMB: In de klappen gedeeld ook niet.  Tot nu toe moet ik zeggen, kan ik me wel een stuk waarmaken op het terrein…

Ja maar, u moet daarom niet weglopen.

JMB: Maar ja Kurt, als er een goal van komt en het is bijvoorbeeld buitenspel en ik heb het niet gezien, dan ga ik de brokken delen hé.

Ja, tuurlijk, en dan beginnen ze weer hé, zo van… 
JMB: Ja, en zo heeft iedereen wel zijn eigen manier om te ontstressen hé.  Ge hebt collega’s die zwemmen, ge hebt collega’s die met de fiets rijden, en dat is mijn passie, al van kindsaf: voetbal, en dat gaat dus niet weg.

Maar ja, scheidsrechter, dat is toch eigenlijk zo een beetje de rijkswacht van het voetbal. 

JMB: O, ik weet niet of je dat zo extreem kunt uitdrukken.   Het is een speler die er nodig is om te zorgen dat het tussen de twee ploegen fair gaat en volgens de spelregels.  Zoals er in ieder spel.  Eigenlijk, in een wielerwedstrijd zijn er ook mensen die er op toezien dat alles perfect verloopt, volgens de regels.

 

00:05 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.