27-12-05

COMPILATIE 10: WILLY VERLEDENS

Zoals de burgemeester van Izegem is er maar één.  Willy Verledens is bijna verleden tijd, want zijn partij heeft genoeg van hem, wegens te weinig vat op... Het is immers een mens die altijd zichzelf is en dat past uiteraard binnen de krijtlijnen van een partij.  Maar des te meer en des te beter binnen de krijtlijnen van Micro Zonder Zout.  Wie zichzelf is, komt er goed uit, en Willy Verledens kwam er naar mijn smaak schitterend uit.  Vertellend over zijn biografie op zijn kantoor, met zijn broer op een terras, langs de vijver van het kasteel, in de kapel... u ziet flink wat uittreksels op vrijdag 30 december in Micro Zonder Zout op Focus en WTV. 

23:16 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

DRAMA

We hebben vaak wat afgelachen in de voorbije 46 weken in het gezelschap van de West-Vlaamse burgemeesters, maar er zijn ook tragische, ontroerende, aangrijpende momenten geweest.  Zoals die keer toen Daniël Denijs het had over zijn nakend afscheid.  Toen hij na 24 jaar burgemeestersschap, een jaar voor de verkiezingen plaats moest ruimen voor Luc Martens, terwijl hij 25 jaar of een kwarteeuw aan de leiding van zijn stad zou gestaan hebben, had men hem zijn termijn laten uitzitten.  Drama, maar nog niets in vergelijking met wat Patrick Moenaert meemaakte toen hij te horen kreeg dat hij met een kwaadaardig gezwel op één van zijn nieren zat en in allerijl moest geopereerd worden.  Hij haalt die pijnlijke herinnering weer boven.  Pijnlijke herinneringen, zo waren er nog.  Zo ook bijvoorbeeld toen Hilaire Verhegge en zijn Klara terugdachten aan hun zoon die ze in een verkeersongeval verloren.  U ziet die momenten terug in de negende compilatieaflevering, donderdag 29 december op Focus en WTV.

23:12 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

23-12-05

COMPILATIE 8

De achtste compilatieaflevering die op woensdag 28 december wordt getoond gaat over burgemeesters met artistiek talent.  Je ziet Patrick Moenaert gitaar spelen in de Guitar Workshop van Eric Neels, op de eerste dag na zijn lang ziekteverlof, je hoort Karlos Callens een zelfgeschreven gedicht over zijn moeder voordragen (Zo Lief was uw gelaat, Zo warm uw woord, Altijd met Gouden Raad, Zoals het een moeder hoort), en ook Norbert Decuyper laat de poeëet in zichzelf nog eens los.  Hij debiteert zijn intussen bekende en zelfgeschreven gedicht over Torhout.  Scroll even naar beneden en in de linkerkolon leest u zijn ode aan Torhout.

16:17 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

COMPILATIE 7

Ik ben nu al 46 weken de West-Vlaamse burgemeesters aan het volgen, en ik heb ondervonden, dat ze niet alleen ontzettend verschillend zijn, maar ook en vooral waanzinnig populair.  En bescheiden.  Toen ik in Tielt kwam, was het koningspaar juist op bezoek.  Burgemeester Michiel Van Daele werd daar minstens even hard toegejuicht als de koning en de koningin.  Maar hij bleef stoïcijns bij al die persoonlijke aanmoedigingen.  We zien Michel Van Daele nog eens terug tijdens het koninklijk bezoek en we zien ook hoe hij in het Cultureel Centrum Gildhof de speech gaat voorbereiden die hij 's avonds zal geven tijdens de vernissage van de tentoonstelling van Luc Tack.
Graag had ik daar dan nog Willy Vanhooren aangehangen met zijn absurde uitleg bij de abstracte kunst van het SMAK in het Staf Versluys Centrum in Bredene en Marc Vanden Bussche toen hij een Panamarenko ging kopen in Brussel, maar tijdsgebrek belet me om die fragmenten nog eens te kunnen tonen.

11:37 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

COMPILATIE 6

Men zegt soms dat de gemiddelde Vlaming te weinig aan sport doet, maar de gemiddelde burgemeester daarentegen kun je niet verwijten dat hij zijn conditie niet onderhoudt.  In de zesde aflevering van de sportende burgemeesters, zie je er enkele lopen, zoals JP De Clercq, de burgemeester van Ingelmunster.  Die fietst, loopt en vist, met de Sprotjesvissers.  Je zult meemaken hoe hij meteen een ferme schubkarper opvist, wanneer hij met de Sprotjesvissers bij de kasteelvijver in Ingelmunster gaat hengelen.  Luc Van Parijs van Oostkamp, die gaat zwemmen en Karlos Callens die met de duiven speelt.  En tenslotte zien we ook Roland Defreyne van Gistel terwijl hij gaat fitnessen.

10:37 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

22-12-05

LAMBRECHT

Waar je op vrijdag gewoonlijk de prijsvraag krijgt te zien in Micro Zonder Zout, is er tijdens de twee laatste weken van het jaar geen wedstrijd.  Er zijn geen cadeaus meer uit te delen.  En dat is eigenlijk goed nieuws.  Want daardoor kunnen wij die twee vrijdagen een extra aflevering tonen.  Nu vrijdag profiteren ervan om een volledige aflevering aan de burgemeester van Wielsbeke op te hangen.  Georges Lambrecht is immers één van de meest schitterende figuren die ik tijdens de 46 weken met de burgemeesters heb ontmoet.  Vrijdag ziet u tal van uittreksels uit de verschillende episodes die ik meer dan een jaar geleden met hem heb gedraaid.  U krijgt hem te zien terwijl hij op wandel is in het park dat rond het stadhuis is gelegen.  En hij gaat pingpong spelen in de sporthal.  Veel pingpong, dat zult u zien.  Hij zingt ook, terwijl zijn vrouw aan zijn zijde zit, en hij gaat winkelen in de plaatselijke supermarkt.  Maar er moeten nog meer inkopen gedaan worden.  Hij gaat ook worst kopen bij de slager en brood bij de bakker.  Andersom zou moeilijk geweest zijn. 

17:24 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

MOEILIJKE KEUZE

De laatste twee weken van het jaar krijgt u tien compilatie-afleveringen te zien, met de beste, meest memorabele, geestigste, interessantste momenten uit 184 episodes van 'Micro Zonder Zout'.  Maar natuurlijk, de tien afleveringen die we nu maken moeten ook een beetje verhaaltjes vormen, en dus merk je dat bepaalde afleveringen of burgemeesters, wiens uitlatingen of acties echt wel boeiende televisie opleverden, uiteindelijk de compilaties niet gehaald hebben.  Wat is er uiteindelijk te zien?
 
Maandag zag u al een compilatie van wat het burgemeestersschap eigenlijk moet voorstellen met onder meer dit:  
 
- Burgemeesters Callens van Ardooie die bekent dat hij eigenlijk deels uit ijdelheid burgemeester werd
- Dirk Bisschop van Damme die beweert dat mensen hem niet voor zijn mooie ogen hebben gekozen
- Jan Verfaillië die ons tracht wijs te maken dat hij ook een mens van vlees en bloed is
- Hilaire Verhegge van Zedelgem die uitlegt waarom de geleerde mensen uit zijn gemeentebestuur beter moeten presteren dan hij zelf
- Joris Hindryckx uit Houthulst die bij de gebroers Callewaert (drie ongetrouwde boeren) over de vloer kwam en daar uitlegde dat burgemeesters een beetje geleerd moeten zijn, maar niet al te zeer.
 
In de tweede compilatieaflevering ging het over burgmeeesters en hun ouders.  We zagen:
- Stefaan Declerck op bezoek bij zijn moeder die beweerde dat ze veel tv moet kijken, wil ze hem eens zien.  En als hij dan nog komt, brengt hij de tv mee.
- Willy Vanheste van De Panne ging op bezoek bij zijn 92-jarige moeder Madeleine Verhaeghe, wiens levensmotto is: Wuffer avance est van te klagen?
- De burgemeester van Oudenburg, Ignace Dereeper, woont naast zijn moeder, de 87-jarige Elizabeth Vanhille.
 
Maar dan stootte ik weer op tijdsgebrek.  Graag had ik er ook nog de burgemeester van Langemark-Poelkapelle ingestopt, wiens moeder beweerde dat hij eigenlijk 'een ongelukje' was, en de enige burgemeester die nog zijn grootouders had, Mee Boeuf en Pee Pilkem die met zijn ongetrouwde zoon, nonkel Zee samenwoonde.  En er waren ook nog de ouders van Claude Croes die al de speeches en de foto's van hun zoon spaarden.  Maar... dat zal voor een andere compilatie zijn.
 
In de derde aflevering ging het over de burgemeesters en de fanfares, en zagen we Willy Cattrysse en zijn fanfare, we zagen Karl Bonny van Ichtegem een demonstratie geven in het marcheren en Joris Hindryckx leerde blazen bij zijn leraar muziek.  Gelukkig toonde Sandy Evrard van Mesen hoe het moest toen hij afscheid nam van zijn vrienden in Londonderry.
 
En dan is er de aflevering van vandaag.  Dat gaat eigenlijk over de fietsende burgemeesters.  Daar zijn er veel van, maar we kunnen ze uiteraard niet allemaal tonen.  De burgemeesters van Damme, Beernem, Ingelmunster, Wevelgem, Houthulst, Bredene, Ieper, De Panne, Kortrijk, Jabbeke, en wellicht nog een stuk of wat, het zijn allemaal verwoede fietsers.  Maar we kunnen ze dus absoluut niet allemaal tonen.  Wie wel in de uitzending zitten van vanavond zijn volgende heren:
- Dirk Bisschop op zijn rollen
- Willy Vanheste over de tijd dat hij bewust tweede of derde eindigde
- Luc Dehaene die met Yves Leterme over hun wielerprestaties praat
- Walter Ghekiere van Moorslede die ooit nog sportdirecteur is geweest
- Willy Vanhooren, al acht keer kampioen van België bij de wielerrennende burgemeesters.

12:30 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

20-12-05

MICRO ZONDER ZOUT NA NIEUWJAAR

DATUM

STAD/GEMEENTE

ZENDER COMBISPOT

 

ma. 16/01/’06 – vrij. 20/01/’06 + zon. 22/01/’06

Ruiselede

WTV

ma. 23/01/’06 – vrij. 27/01/’06

+ zon. 29/01/’06

Oostrozebeke

WTV

ma. 30/01/’06 – vrij. 03/02/’06

+ zon. 05/02/’06

Alveringem

FOCUS & WTV

ma. 06/02/’06 – vrij. 10/02/’06

+ zon. 12/02/’06

Lo-Reninge

FOCUS

ma. 13/02/’06 – vrij. 17/02/’06

+ zon. 19/02/’06

Pittem

WTV

ma. 20/02/’06 – vrij. 24/02/’06

+ zon. 26/02/’06

Hooglede

WTV & FOCUS

ma. 27/02/’06 – vrij. 03/03/’06

+ zon. 05/03/’06

Kortemark

FOCUS

ma. 06/03/’06 – vrij. 10/03/’06

+ zon. 12/03/’06

Ledegem

WTV

ma. 13/03/’06 – vrij. 17/03/’06

+ zon. 19/03/’06

Dentergem

WTV

ma. 20/03/’06 – vrij. 24/03/’06

+ zon. 26/03/’06

Vleteren

WTV

ma. 27/03/’06 – vrij. 31/03/’06

+ zon. 02/04/’06

Koekelare

FOCUS

 

 

PLANNING MZZ “De Burgemeester” – Voorjaar 2006

 


10:57 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

19-12-05

DE FIETSEN EN DE HOND VAN DIRK WALRAET

DW: Kijk, één van mijn hobby’s is fietsen ook.

Ah ja?

DW: Ja, dus euh… (loopt over binnenkoer naar berghok en gaat daar binnen)

 (komt met fiets uit hok) Dat is mijn mountainbike. 

Nog heel proper, nog nooit gebruikt.

DW: Die is hier al… Jaja, kijk, er hangt al vuil aan de banden, er hangt al vuil aan de banden.

U hebt ze even bevuild ja.

DW:  En hier mijn prachtexemplaar. 

Een echte Eddy Merckx!

DW: Mijne Eddy Merckx.  Voila.

Die ziet er ook nog ongebruikt uit eigenlijk.

DW : Het is teken dat er goeie banen zijn in Spiere-Helkijn.  Hé, het zijn goeie banen. Dat is een prachtexemplaar.   Daarvoor moet ge geen adem of geen dingk hebben, ge kunt daar, hé… Met zo’n fiets kunt ge…

Zelfs u kunt daarmee fietsen, bedoelt u.

DW: Jaja, iedereen. Ge moet daarvoor geen echte sportman zijn. Het is een prachtexemplaar. 

Jaja, maar fietst u soms.

DW: Als ge dat dan nu… Bij mooi weer ja.  We hebben hier in de gemeente dus prachtige wandelpaden. En een fietsroute, een paarderoute. Dus, we hebben in de gemeente toch een beetje van alles en dat begint meer en meer succes te hebben bij de mensen. Wij hebben twee wandelroutes, één fietsroute en één paarderoute.  Ja.  Zodus. Toerisme, plezierig.  Rustigheid, relaxerend.

Serieus, die fietsen zien er beiden compleet ongebruikt uit.

DW: (Lacht) Die worden goed verzorgd.  Die worden goed verzorgd (draagt zijn Merckx terug binnen).

Dat is gewoon om mee uit te pakken als u bezoek hebt. Maar  het zijn mooie fietsen, ik ben blij dat ik ze eens gezien heb. Uw hond heet Cooper.  Cooper, vanwaar die naam eigenlijk?

DW: Zijn voorganger noemde Cooper, dus dat is feitelijk Cooper 2.

Ja, en waar kwam die naam van de voorganger dan vandaan?

DW: Die noemde zo als wij hem gekocht hebben. Van de mensen, die konden er geen weg mee, omdat dat… Dat zijn geweldige straatlopers dat.  Die woonden in Gullegem, juist aan het kruispunt. De familie Vyncke.  En die deden hun whippet weg, en zo is de whippetziekte hier gekomen en hetzelfde ras blijven behouden. En dat is Cooper 2.  De andere noemde Cooper. De naam gegeven door zijn vroegere baasjes.

Naar Gary Cooper.

DW: Gary Cooper, ja.

Of naar de Coopertest.

DW:  Of Cooper de Poeper.

Ja, zo potent ziet hij er anders niet uit.

DW: Nee,nee.  Geweest, jaja, geweest, geweest. We kunnen nu een keer tot aan de tennisclub gaan. Dat is mijn eerste verwezenlijking in Spiere-Helkijn geweest, dus de tennisclub.

Jamaar, tennist u?  Tennist u?

DW:   Ik heb getennist, maar nu met de heup mag dat ook niet meer. Af mag het niet meer.  Om nog meer miserie te hebben.

Zoveel last van de heup?

DW: Jaja.

En voor het fietsen, gaat dat nog?

DW: Voor de fiets, ik mag niet overdrijven.

Maar u overdrijft waarschijnlijk niet.

DW: Als ik fiets is het ongeveer een half uurtje.  Of een half uurtje, drie kwart. Maar ik kan en mag niet langer. Dan zijn de gevolgen er.

En u moet geopereerd worden.

DW:  En ik moet nog geopereerd worden, ja.  Maar ik zie ertegen op.  Enorm.  Nu, de gang des levens. Hé Cooper.  Oké. 

Jullie passen eigenlijk alsmaar beter samen.

DW: Voila. We beginnen meer en meer op mekaar te trekken.  

De twee oude mankepoten. 


08:45 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

17-12-05

HELIPLUS: DE HELI-HAVEN VAN SPIERE-HELKIJN

 

Spiere-Helkijn is een kleine gemeente met grote manieren. Het is een rijke gemeente, ook al zijn de dotaties laag.  Maar er is veel industrie en er bewegen zich veel rijke mensen.  Dat is te danken aan de burgemeester, Dirk Walraet, die veel geld naar Spiere-Helkijn wist te lokken.

 

DW: Dus we staan wij hier nu weer op Vlaanderen, de poort open en we zijn op Wallonië .

Dus, dus, ah, ik wil Wallonië wel eens zien. Als de poort hier open gaat…

DW: Is Wallonië. (poort rolt open…)

Burgemeester, Wallonië is een stuk groener dan Vlaanderen hé.

DW: Ja.  Dus de gebouwen staan op Vlaanderen Spiere-Helkijn, en de landingsterreinen en het groen is Wallonië. Dus we komen wij hier nu een stap buiten en we zijn in Wallonië.

Ah ja, ja ik ga terug naar Vlaanderen zuh. Hoe komt dat? Hoe komt dat?

DW : Hoe dat dat komt? 

Is dat bewust gedaan?  Of is dat toevallig?
DW : Welja.  Nee, dat is bewust gedaan hier.  Dus, want in Vlaanderen mocht er dus niet geland worden met de helikopter, maar in Vlaanderen mocht er wel gebouwd worden.  In Wallonië mag er gebouwd worden met de helikopter, maar mag er niet gebouwd worden.  Dus de typische Belgische oplossing is hier te vinden. Hier is de typische Belgische oplossing.  Onze vrienden de Walen.  Nee, we hebben een heel goeie samenwerking met de Walen.  Jan, gij waart op zoek naar een plaats van helihaven.  En bij bepaalde was er de tegenkanting van geluidsoverlast.  En weet ik zo meer.  En hier zitten we feitelijk op een 4-gemeentenknooppunt.  Dus de bebouwing is hier zeer ver te zoeken, er is hier zeer weinig hinder. En dat was het gepaste emplacement. Dus de gebouwen die kwamen industriezone van Spiere-Helkijn.  En dus de landingsplaats in Wallonië, in Pecq.  En dat is zonder veel tamtam gepasseerd. 

 

Jan Doutreloigne van Heli Plus leidt de zaak in zijn eentje.

Jan: ik laad, ik los, ik vlieg.  Ik ben passé-partout, maar ik ben alleen baas.  Natuurlijk, ge kunt de wereld niet veroveren alleen hé. 

 

Jan heeft het gezegd en geeft ons vervolgens een luchtdoop.  20 minuten in de lucht, boven Spiere-Helkijn, en boven de steengroeven in Doornik, zeg maar de Grand Canyon.  20 minuten later staan we weer aan de grond.

 

DW (stapt uit helikopter) : Voila, Spiere-Helkijn ligt er weer hé.  Het ligt er nog altijd.  We hebben het weer gevonden.  Geen opmerkingen. Alles draait goed.  Jan, bedankt jong. (46’15”)

Jan: Het is met plezier.

Het is toch wel praktisch hé, zo’n helihaven in uw eigen gemeente.  Dan kunt u af en toe eens uw gemeente van boven bekijken.

DW: … Bekijken, absoluut.

En doet u dat vaak?

Jan: Te weinig, te weinig hé.

DW: Kijk, Jan zegt het zelf.  Maar misschien één keer per maand dat we een keer de lucht ingaan, en het is echt zeer verrijkend. Kijk, ge hebt nu gezien wat we gedaan hebben, een keer Doornik, de Grand Canyon gezien, ge bekijkt alles een keer anders vanuit de lucht.

Jan: Het is een feit dat je alles ziet vanuit de lucht hé.  Ge zoudt dikwijls zeggen: de rijkswachters met hun helikopters, maar ge ziet alles.

DW: Voor de gemeente is het absoluut een verrijking deze helihaven.  Dat was hier zo het verloren hoekje van Spiere, van de industriezone, en wat er hier mee moest gedaan worden, wisten we zo niet goed, en dat was de ontdekking.

Hebt u vooral werk hier in Spiere, of?

Jan: We hebben wij een beetje werk hier in Spiere, maar we geven hier ook in de grote zaal veel evenementen hé.  Firma’s die komen wat nieuws voorstellen.  Die terzelfder tijd met hun personeel komen of met hun klanten, en die dan terzelfder tijd een keer een vluchtje doen.  Als promotiecampagne hé.

En wordt dat eigenlijk ook gebruikt voor de firma’s die hier gevestigd zijn, die bijvoorbeeld dringend vervoer nodig hebben?

Jan: Nog te weinig.  Nog te weinig.  Maar dat komt hé.

DW: De vergadering van de industriezone, die grijpen hier plaats ook, Jan stelt dat bereidwillig ter beschikking van de gemeente, en voor de industriezone hier.  Dus, binnenkort gaan we weer een keer vergadering doen, voor te nieuwjaren.

De burgemeester heeft toch wel, kijk ik film ze nog even, hij heeft toch wel een neus voor zaken hé.

Jan: Absoluut. Altijd gehad hé, altijd gehad hé.

Mag ik even (trek eraan)  Jajaja

DW: Hij heeft vree koud hé.  Nu heeft hij wreed koud.

 


19:51 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

NOG EEN INDUSTRIEEL IN SPIERE-HELKIJN

De burgemeester van Spiere-Helkijn is een crack als het er op aankomt het grote geld naar zijn gemeente te lokken.  Een tiental jaren geleden wist hij in de boerengemeente een industriepark neer te poten en sindsdien heeft hij tal van grote bedrijven naar Spiere-Helkijn gekregen.  En onder die bedrijfsleiders hangt een heel vriendschappelijke sfeer.  Eén van hen is Filip Kindt van houtzagerij Solid.  Zijn bedrijf ligt juist op de splitsing tussen Vlaanderen en Wallonië.  En dus lokte burgemeester Dirk Walter me eens mee, zogezegd om te tonen waar Vlaanderen eindigt en Wallonië begint.  

 

DW: We zijn een keer aan het kijken waar dat Vlaanderen en Wallonië hier nu ligt, en volgens Filip moet dat hier ergens zijn met die scheur, met die barst.  Dus, hier ligt is Vlaanderen en daar is Wallonië.  Het is zo.

Filip: Ja, dat loopt hier rechtdoor.  Dus, dit stuk is Wallonië en dit stuk…

Dus hier zegt u ‘nee’ en daar ‘non’.

DW: Dat is hier Vlaanderen, Spiere-Helkijn, en daar is het Wallonië, Moeskroen.

Filip: Dottenijs hé.

DW: Dottenijs Moeskroen

En het bedrijf staat voornamelijk op uw helft zie ik?

DW: Ja, nu dat je het zegt.  Hé.  Hoe komt dat Filip?  Hoe komt dat?

Filip: Ja, goed, omdat Spiere goedkoper is dan Dottenijs hé.

DW: Amai zeg, amai zeg. Dat is straffe taal hé.

U speelt ook kaart met de burgemeester?

Filip: Ja ook ja.  En de inzet zijn de belastingen. (lachen)

Ah, dat wordt hier allemaal zo geregeld eigenlijk.

Filip: Dat wordt hier allemaal zo geregeld.  Dat is echt serieus, in alle vriendschap.

DW:  Ah ja, maar kijk, dat is juist met die barst, ja, en zie je het?  Het bedrijf staat voornamelijk in Spiere, en er was oppervlakte tekort, en ze hebben in de hoogte te gaan.

Liever dan naar de andere kant van de scheur te gaan…

Filip: De terreinen, de terreinen hier zijn opgebruikt hé, we zijn dus ingesloten rondomrond, dus uitbreiding kan niet meer, eerst Vlaanderen, dan hebben in Wallonië uitgebreid, als we nu verder uitbreiden, dan is het buiten deze site, we zijn dus bezig in de haven uiteraard, maar hier zitten we vast, hier is het gedaan.

DW: Nee, maar we gaan nog een industriezone oprichten hé.  We zijn bezig hé. We zijn bezig.  Maar dat zal één van de eerste kopers zijn, dat hier. (wijst naar F. Kindt)

Als jullie kaarten, waar speelt u dan voor?  Een oplegger met hout uit Estland of…

Filip: Opcentiemen.

DW: Opcentiemen (lacht).  De opcentiemen verlagen, ja.  We spelen voor centiemen, dat is juist , voor centiemen spelen we.  En anders, tevreden?

Filip: (knikt van ja)  Ja.

DW: In volle bedrijvigheid?  Tot en met?  Kun je volgen?

Filip : Wel, nu is het een kalmere periode, we zijn aan het voorbereiden voor het volgend seizoen, dus we kunnen beginnen…

De burgemeester, die heeft toch wel een neus voor geld hé.  Dat is…

Filip: Wie zegt dat?

Of is dat niet zo?  Ik heb die indruk?

Filip: Ik heb niet die indruk.

Serieus?

Filip: Nee.

Hij bezoekt zijn vrienden, maar dat zijn allemaal…allez, dat zijn geen gewone mensen hé, burgemeester!

DW: Neenee, maar het zijn echt heel goeie vrienden waar dat we samen mee werken ten voordele van onze bevolking. En met Filip ook, altijd hebben we daar kunnen een beroep op doen.  Hé. Het is voor gelijk waar en wat, voor sport, cultuur, alles.

Sport, cultuur, alles eigenlijk! ….

DW lacht

Is hij altijd zo…handtastelijk?

Filip: Amicaal

Ha ja, amicaal.

DW: Amicaal. 

Filip: We kennen mekaar al wat langer.

 


19:10 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

15-12-05

DIRK WALRAET, EEN SLIMME LOBBYIST

Dirk Walraet is een goeie burgemeester voor zijn gemeente, denk ik.  Spiere-Helkijn is klein, maar fijn.  Door het kleine aantal inwoners is het budget van de gemeente heel beperkt.  Als je de faciliteiten van de faciliteitengemeente bekijkt, zou je denken dat het een rijke gemeente is.  Maar dat komt voornamelijk door Dirk Walraet, die geen kans voorbij laat gaan om het grote geld, de industrie naar zijn gemeente aan te trekken.  En ook mij misbruikt hij op een vriendelijke manier om aan West-Vlaanderen te tonen dat wie centen te veel heeft, welkom is in zijn gemeente.  Zo stopt hij niet met te verkondigen hoe trots hij wel is dat hij een industrieterrein heeft kunnen realiseren in zijn plattelandsgemeente.  Terwijl men in MZZ duidelijk niet aan politiek doet en zeker ook geen forum aan de burgemeester om zijn politieke realisaties te tonen.  Maar Dirk Walraet is een gewiekst man.  Zo sleurt hij me mee naar zijn 'beste vriend', niet toevallig een industrieel.  André Lietaer.  Inderdaad een heel innemend man.  78 is hij en hij was de eerste die investeerde in de industriezone van Walraet.  Hij zette er de spinnerij AVS neer.

 

DW: Dat is de man waar alles mee begonnen is feitelijk.

Alles is begonnen met André.

DW: Ja, het moderne Spiere-Helkijn is begonnen met André.  Kijk, hier, André staat daar al.  Hoe is het jong? 

André: het is weer maandag.  Ja, maandag is, het is were kaartdag hé, were leutedag.  En de jonge generatie is er al, gewaarborgde opvolging.  Weet je het nog. We hadden hem gunter gelegd, de eerste steen.

En de steen is weg?

André: En dat was juist op mijn verjaardag hé.

DW: En dat was in het jaar?

André: ’91.  6 december, 6 december ’91.

U bent de Sint?

André: Ja.   Een echte Sint, ge ziet het wel.

Eigenlijk is het zo een beetje.  Dat is de Sint…

DW: André als vriend, die ik ken van in het jaar ’85, die heeft mij al enorm veel geluk bij gebracht.  De vorige keer heb ik gezegd, ge kunt de vrienden tellen op één hand, hewel, André, dat is een echte, echte, echte vriend, en dat is van in het jaar ’85 hé André.

André: Het is 20 jaar dat we iedere maandag samen kaarten.

DW: Iedere maandag.  En in het jaar ’88, voor de stemming, beloofde André van een fabriek op te richten in Spiere-Helkijn, in het jaar ’88.

Zo tussen het kaarten door eigenlijk?

André: Dat was de campagne dan hé.

DW: Dus in een campagne wordt er veel beloofd, maar de belofte in het jaar ’88 is gehouden geweest, en in het jaar ’91, André hier zijn bedrijf opgericht, en dat bedrijf is inmiddels uitgedeind tot …

André: We zijn er allemaal fier op hé.

DW: En we zijn er zeer fier op.

André: Wij zijn fier en Spiere ook hé, Spiere-Helkijn.

DW: Dus het was het eerste bedrijf die er kwam in de industriezone…

Allez, ik zal ook eens wat meer moeten kaarten… Eigenlijk gewoon met het kaarten?

DW: Gewoon met het kaarten.

Geef de mensen een fabriek, dan komt er werk, dan zijn ze content en dan bent u een goeie politieker.  Ahjajaja.  Het is allemaal vrij simpel hé.

DW: Ja, er waren hier problemen.  De bedrijven werden hier belastingen opgelegd, electriciteit, maar gezien het slecht gaat in de textiel, hé André, het gaat slecht hé in de textiel, voila.

Jaja, maar ik zie dat.  Hij staat zo mager.

André: Nee, maar normaal, dat is maar mijn kleinzoon hé.

Ja, ik zie het.

André: De man die het gaat voortzetten.  Maar de echte strijder is voor het moment in het buitenland.  Anders, hij zou wel de rekeningen tonen (lacht)

DW: Maar we zijn sterk verminderd hé, we hebben ons woord gehouden.

André: Ge zijt dankbaar voor hetgeen ge doet.

Dus, u zegt: ‘burgemeester, verminder die belasting es,’ en u schiet meteen in actie eigenlijk?

DW: En wij zijn in actie geschoten, en wij helpen onze bedrijven ook. En vooral om onze bedrijven hier te houden.  Want ten andere…

Dus u zegt: ‘Ik vertrek als u die belasting niet vermindert,’ en…

André: Nee, we zeggen dat zo niet, maar als we kapot gaan…

DW: Als ze kapot gaan…  Want ten andere, jullie stellen hier nu, met volledig jullie bedrijven, een honderd man denk ik.  Dus voor Spiere-Helkijn, 100 man hier alleen in dat bedrijf te werk stellen, dat is al chapeau, hé.

André: En in de textiel, ge weet dat het niet gemakkelijk is voor het moment om stand te houden. Ge moet een markt opgebouwd hebben met vertrouwen, anders moet je kapot hé.

DW: Maar het geheim van André, het opbouwen van zijn imperium, is gebeurd met zijn duiven.  André is een zeer gekende duivenliefhebber van Rekkem, en het is gestart met de duiven hé André.  En zo heb jij de Chinezen en den dezen en wie weet ik allemaal leren kennen,…

André: De Taiwanezen…

DW: De Taiwanezen…

Ja maar, wat moet ik nu doen om rijk te worden? Met de duiven spelen of met de kaarten?

André: Maar wij zijn niet rijk, wij zijn gelukkig.  Dat is belangrijk.

Jamaar wacht eens, als ik nu gelukkig word, zou ik daar rijk van worden denkt u?

André: Misschien wel, want het zijn niet altijd de rijksten die gelukkig zijn hé.  Ze kunnen meest verteren, maar ze zijn daarom niet de gelukkigste.

DW: Nee, dat is juist.  Ge ziet, André is iemand met levenswijsheid.

André: Ik zeg altijd: de mensen die gelukkig zijn in de staat waar dat ze zich bevinden, zijn rijke mensen.  Ge kunt maar dat hebben, gelukkig zijn, ge kunt niet meer hebben.

Allez, dan ben ik ook gelukkig.

André:  Ik vind dat belangrijk dat de mensen dat weten, wij hebben veel belastingen betaald, en nu op een moeilijk moment heeft de gemeente de belasting wat verminderd, zodus...

DW: André, in onze twintig jaar vriendschap, we hebben nog nooit een minuut ruzie gemaakt hé.

Ja, het wordt eens tijd hé.

André: Weet je wat?  Ik ben geen moeilijke, ik laat hem altijd winnen in de kaart (lacht)

Kleinzoon : Alle spinmachines staan nu hier in Spiere-Helkijn.

DW : Voila, dus het is teken dat de belastingen hier betrekkelijk laag liggen hé.

André: In Wervik was het zeer interessant ook.

DW: Is het waar?

André: Echt.  Veel interessanter dan Spiere.  Ja, maar, we lagen in een… Hoe noemt dat?

DW: Vrijhandelszone?

André:  Neeneenee.  Gelijk Moeskroen, gow…

Caroline: Reconversiezone.

André: Reconversiezone.

Was dan daar gebleven hé!

André: Ja, maar het was beter hier.

DW: De vriendschap, het was beter hier.  Hé André.

André: Ja, het is beter alles in één plekke.

Kleinzoon: daar hadden we eigenlijk maar een kleine productie-eenheid, en hier hadden we de plaats genoeg om eigenlijk alles te concentreren op één locatie, anders moet je iedere keer het transport van grondstoffen naar twee plaatsen…

André: Mijn vader was een verstandige man hé, en weet je wat hij zei? Het is beter een beetje minder winnen, door de grote hoop win je oliek vele, en het is daarmee dat we alles gezet hebben in Spiere hé.

DW: Kijk, were nog een keer tikken. (lachen)

21:27 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

DIRK WALRAET: VROEGER WAS ALLES BETER

Dirk Walraet, mijmerend aan de toog van het café van tennisclub Ter Pype, bij Raf. 

DW: We leven in een tijd van de informatica, van jachtigheid, stress, wat weet ik zo meer…

Het was vroeger allemaal veel beter hé.

DW: Ja. 

Ik vind het ook.

DW: Nostalgie. Al is het dat ik nog graag kijk naar de toekomst.  Ik praat niet graag over het verleden, en ik kijk nog altijd graag, en vooral ten bate van mijn gemeente, naar de toekomst.    Altijd vooruit, altijd initiatief.

Maar vroeger was het beter.

DW: Maar vroeger was het… De mentaliteit was veel beter.

Ja?

DW: Absoluut.

Wat is er fout nu?

DW: Goh, ik zeg zo, er is te veel gemaaktheid in het leven, en de oprechtheid vind ik is verdwenen, en de stress is er, stress, jaloezie, zakens die vroeger toch veel minder… ik weet niet.  Ge krijgt dat misschien meer dat gedacht doordat ge ouder wordt, maar dat zijn zakens die meer bovenkomen nu.  Raf, zjuste of niet?

Raf: Nu, het is volledig anders tegenover dat wij hier vroeger… of dat het beter is of minder, dat zal de toekomst moeten…

DW: Ja, het is een generatie verschil hé.

Jaja, de wereld is naar de knoppen hé.

DW: De wereld is naar de knoppen (lacht).  Aan het gaan misschien.  Het kan nog beteren hé.  Maar we gaan er nog altijd het plezierige van maken. Gezondheid (drinkt van zijn glas) 

 


03:11 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

14-12-05

DE BURGEMEESTER EN HET KASTEEL VAN SPIERE

De burgemeester verlaat samen met zijn hond Cooper het gemeentehuis.  Cooper komt aangerend en wipt in de wapen.  Maar hij belandt een beetje slecht op zijn zetel, de achterzetel.

 

En die heeft zijn eigen handdoekje achterin?

DW: Jajaja, hup jongen, hohoho….  Zijn artrose! 

Jullie lijden een beetje aan dezelfde ziekte.  U hebt last van uw heup en…

DW: Jaja, ik heb last van mijn heup.  Ge ziet, hoe noemen ze dat?  Een hond lijkt op zijn baas.  Het is te hopen dat ik ook honderd jaar word, lijk hem.

En nemen jullie dezelfde pilletjes?

DW: (lacht)  Medisch geheim, medisch geheim, medisch geheim.  U volgt mij? Wij gaan naar de grootste werf van West-Vlaanderen. Belangrijkst, en zeer belangrijk, zeer belangrijk voor onze gemeente, symbolisch, dus de restauratie van een kasteel.  Het kasteel dateert van 1720.  Het is zeer imposant.  Het is een pracht chantier.  Wij hebben geluk dat er zo iemand investeert in onze gemeente.  Oké, u volgt?  (stapt in zijn wagen en slaat deur dicht)

 

TER PLEKKE BIJ HET KASTEEL:

DW: Gelukkiglijk dat de gemeente dat niet doet.  Dat er…

Hoezo?

DW: Zo’n investering.  Zo’n herstelling.  Zo drastisch.

Wie doet er dat dan?

DW: Dat is een particulier.

Een particulier gewoon?  Ah, dus wij zullen daar niet kunnen van genieten eigenlijk?  De gewone mensen.

DW: Neen, het is particulier.

Ja, dat is wel jammer.

DW: We hebben geprobeerd met de provincie om dat te kopen, maar de provincie, of het Vlaams gewest ook, die zagen er geen doen aan.  En er is dus een particulier die dat gekocht heeft, dat is een kasteel van het jaar 1720.  En tot voor een paar maand woonde de barones hier nog in.  Die is inmiddels honderd jaar, die is honderd jaar oud, en de barones woonde hierin.  En dat is verkocht.  Een particulier restaureert nu alles nu.  Dat is een zeer belangrijke werf, want ge ziet, kijk, de omgevingswerken zijn bezig nu, vijvers aanleggen, bos, beplantingen, weilandbezaaiing…

En dat wordt allemaal privé-eigendom eigenlijk?

DW: En dat is privé-eigendom ja.

Dat wordt hier eigenlijk een tweede soort Sint-Martens-Latem of wat?

DW: lacht

U trekt eigenlijk de rijkeren aan?

DW: Wel, we mogen blij zijn dat er zo iemand is die dat hier wilt restaureren, want anders, wie ging dat bekostigen?  Ik weet het niet.  Want als het Vlaams gewest en de provincie er al geen doen aan zien, dus, ja.

Nee, maar, burgemeester…

DW: We zijn zeer fier dat er dat dus iemand wilt doen. Kijk, ze zijn nu bezig met de vijver dus ook aan te leggen.  Daar.  En…

Dus het is belangrijk dat u genoeg rijke mensen aantrekt naar uw gemeente…

DW: Moh, we mogen blijven zijn dat er één zo’n persoon dat wilt doen hier.  Ik weet niet wie dat anders ging doen.  Rijke mensen.

Moh ja, kom, dat is toch zo.

DW: Dat is betrekkelijk.

Betrekkelijk?  Ja, ik vind dat hier niet meer betrekkelijk hoor… Ja, als je het zo ziet, alles is relatief.

DW: Er zitten hier nu voor het ogenblik een veertig stielmannen constant aan het werk.

Hoelang zo al?

DW: Dus die zijn hier nu al praktisch een maand of zes, zeven bezig.

Ja, dus, het gaat hier toch wel om een rijk man die hier bezig is, of?

DW: Jajajaja.

Maar dat is niet erg hé, mensen mogen rijk zijn. Ik heb het niemand verboden.

DW: Bah ja, die mogen dat.  Kijk, onze werfleider is daar.  Goeiemorgen… (schudt de hand).

Burgemeester, maar ik snap toch niet waarom dat zo belangrijk is voor u.  Spiere, dat is een gemeente voor de mensen, Spiere-Helkijn, maar dat is hier toch niet voor de mensen, dat is voor een man.

DW: Gelijk hoe, het is iets dat bewaard blijft, het is een monument. Het is een monument en het wordt en blijft bewaard.

Ja, maar we zullen er nooit naar kunnen komen kijken.  We zullen het gewoon in fotootjes zien.  Ik zal er nu vlug naar es kijken.

DW: Gij woont er al hé nu?

Werfleider: Ik woon er al.

Ah, u bent eigenlijk die rijke man?

Werfleider: Neen.  Spijtig genoeg niet, of gelukkig niet.

DW: Hoe dat je het moet nemen.  Maar gij woont er nu al.  Ik heb gehoord dat je al ingeschreven zijt in Spiere-Helkijn.

Ah, u zult hier ook wonen eigenlijk?

Werfleider: Voorlopig woon ik hier wel.

DW: Jaja, die woont in de vleugel, daar al.  Kijk!

Werfleider: Een stukske maar hé, een stukske.

En is er hier nog zo’n vleugeltje beschikbaar? 

Werfleider: Neen, ik denk het niet.

DW: Neen, maar we mogen er fier op zijn op zo’n restauratie.

Dat er zo’n rijke mensen naar Spiere-Helkijn willen komen wonen.

DW: Dat is een geluk, ja.  Absoluut.  Dat is een geluk.  Want anders, wie ging dat hier doen?

Vroeg of laat, misschien de gemeenschap dan toch wel hé.

DW: Ja, ik denk het niet, ik denk het niet. 

Nee?  Ze gingen dat hier laten verkrotten, verkommeren?

DW: Ja, ik denk het wel.  Ja, gelukkig dat er zo iemand hier is.  Ik herhaal het, ik herhaal het.

Ja, u herhaalt het. Tuurlijk.

DW: Anders ik weet niet hoe of waar… Hoelang zijn jullie nu al bezig hier?

Werfleider: We zijn juist een jaar bezig.

DW: Het is een jaar al?

Werfleider: We zijn begonnen begin december met het eerste gedeelte, en ondertussen ja.

DW: Dus er zijn nog werken tot… Nog een jaar of twee?

Werfleider: Tot eind 2007 ongeveer.

DW: Dat is nog twee jaar.

O, het mag wat kosten eigenlijk?

DW: Jajaja.  Het mag wat kosten ja.

Burgemeester, u moet mij eens proberen uit te leggen, want ik redelijk dom eigenlijk…

DW: Ge ziet er gij zo niet uit, ge ziet er gij zo niet uit.

Boh, toch…  Wees maar eerlijk.

DW: En rad van tong, en rad van tong.

Neenee, u moet mij eens proberen uit te leggen wat daar nu zo goed aan is voor Spiere-Helkijn dat een privé-persoon dat hier komt opkopen, opknappen, en die hele terreinen eigenlijk voor zichzelf houdt?

DW: Welnee, dat was iets dat totaal in verval was.  Hé.  En onkosten werden er niet meer aan gedaan.  En nu wordt dat volledig gerestaureerd. En anders, wat waren we ermee dat er hier een ruïne stond?  Want, dat was niet meer te onderhouden.  Ik denk dat ik het goed verwoord zo hé. 

Maar anders zou dat misschien een ruïne geweest zijn die iedereen had kunnen bezoeken.

Werfleider: Het was zeker de moment om het nu te restaureren. 

DW: Nu te restaureren, want het gin…

Werfleider: Binnen enkele jaren ging het zeker ingevallen zijn.

DW: Het ging ingevallen zijn, een ruïne, ja.

Jamaar, is dat belangrijk voor een gemeente als Spiere-Helkijn dat hier genoeg mensen met geld komen wonen?

DW: Moh, dat is niet alleen van dat geld (zijn gsm rinkelt), maar het gaat om het initiatief dat genomen wordt, en iets dat bewaard blijft, want uiteindelijk, het is iets symbolisch voor de gemeente, het kasteel van Spiere, waar dat de familie…

Bent u dat die telefoon hebt?

DW: Ja.

Ja, anders moogt ge,… tuurlijk, tuurlijk.  Misschien is het die rijke man.  Om te zeggen: van mijn erf gij!

DW: Hallo, hallo...

En wordt alles in zijn authentieke staat…?

DW: Alles in zijn authentieke staat, ja. Dus, het staat voortdurend onder toezicht van ‘Monumenten en Landschappen’ en die mannen komen regelmatig kijken…

Ah, er is dus veel subsidie eigenlijk?

DW: Nee, geen frank subsidie.

Hoe?  Nee?

DW: Hadden we moeten subsidie geven voor dat monument hier, de gemeente was al failliet hier. (lacht)  We gingen al failliet zijn.  Dus, het is toch een goeie burger die afgekomen is hé, die dat hier wilt doen. Voor het ogenblik is er rond iets van gronden, iets van 35 ha, denk ik hé.

Werfleider: Ik heb het eigenlijk nog niet goed opgeteld.

Zal dat genoeg zijn voor ene man?

DW: Vijfendertig hectaren?

Werfleider: Ja, maar er zitten nogal wat konijnen op.

DW: Allez, doe de groeten hé.

Wilt u ook mijn groeten doen?  Je weet nooit waarvoor dat goed kan zijn.  Het is altijd goed van contacten te hebben met zo’n mensen.

DW: Oké, dat is toch imposant hé. Dat is toch ook iets om fier op te zijn dat er mensen het patrimonium, het privé-patrimonium van de gemeente Spiere-Helkijn in stand houden.

En zal de gemeente daar nu beter van worden, dat zo’n rijk iemand hier komt wonen?

DW: Wel, zijn belastingsaangifte. Zijn belastingsaangifte! En het kadastraal inkomen.

Maar ja, zo’n gasten betalen geen belastingen hé.  We kennen dat.

DW: (lacht en stapt naar auto) Ik denk van wel, ik denk van wel.  Nu, er gaat misschien ook goeie sponsoring komen, voor ons voetbal.

En voor uw kaartersclub.

DW (lacht en slaat deur van wagen dicht)

 


16:51 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

13-12-05

DE STAND VOOR DE HERUITZENDINGEN

Volgende week worden op WTV en FOCUS in Micro Zonder Zout gedurende twee weken ofte tien dagen de mooiste fragmenten uit de voorbije 184 uitzendingen getoond.  Dit zijn de burgemeesters die tot nu toe de meeste stemmen hebben gekregen van onze bezoekers:
 
1. Georges Lambrecht
2. Willy Verledens
3. Patrick Moenaert
4. Hilaire Verhegge
5. Carl Vereecke
6. Michiel Vandaele
7. Karlos Callens
8. Stefaan Declerck
9. Daniël Denys
10. Walter Ghekiere
 
scoorden ook niet slecht: Norbert Decuyper, Willy Vanhooren, Ivan Cattrysse, Michel Landuyt, Luc Decavele, Jan Seynhaeve en Joris Hindryckx.  De huidige top-3 heeft alvast zijn plek verdiend in de heruitzendingen.  Wat de andere minuten uitzendingen betreft, blijft het nog wikken en wegen.

21:13 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

DE SCHOOL VAN SPIERE

Dirk Walraet loopt de sporthal van zijn centrum binnen en kust daar prompt de turnlerares, Micheline. 

 

DW: Dus, hoeveel leerlingen zijn er hier nu in de school?

Micheline: 442.

DW: 442, ja.  En die van het Jacquetbos ook?  Ah ja, alles komt hier de sport doen.

En is dat hier nu in het Frans te doen of in het Nederlands, of?

Micheline: Het Nederlands.  We proberen zoveel mogelijk…

Maar ze begrijpen u niet?

Micheline: Jawel.

DW: Het is Nederlands hier.

Micheline: Als ze aan het spelen zijn, als ze aan het spel bezig zijn, dan komt er automatisch wel Frans uit hé, dat is…  Maar in feite zouden ze moeten Nederlands praten.

En u praat voortdurend Nederlands tegen uw leerlingen?

Micheline: Jajaja.

Ook als ze zo …

Micheline: Ze moeten Nederlands praten.

DW: Dat is de sterkte dus.  Want hoeveel van buiten de gemeente zouden er komen?  Dat is meer dan vijftig procent hé.  Het is ongeveer een zestig procent komt van buiten de gemeente, om Nederlands te leren.

Eigenlijk met de bedoeling…

Micheline en DW: Om Nederlands te leren ja.

DW: Ja, ongeveer een zestig procent komt hier.  En dan met de eigen Franstaligen van SPiere-Helkijn, dus ongeveer een 75 % zijn Franstalig hé.

Micheline: Ja, dat zal zoiets zijn ja.

DW: Een 75 % is Franstalig.   Maar kijk, ge ziet ook, noodklassen daarboven.  En dus de nieuwe gebouwen in de krokusvakantie, geloof ik hé.

Micheline: Normaal gezien, ja.

Omdat er eigenlijk zo’n invoer is van leerlingen van buiten de gemeente?

DW: Het moment dat ik burgemeester werd, in het jaar ’89, waren er 180 leerlingen of zo.

En toen werd hij burgemeester en iederen wou naar hier naar school komen.

Micheline: Ja.

En daarom dat u van geluk hem kust als u hem ziet? 

Micheline: Dat zal wel zoiets zijn ja (lacht).

DW: Van 180 naar 400 én… 42?

Micheline: Ja, zoiets, 442.

Och, ik zou hem nog eens kussen.

Micheline (lacht): Zonder camera.

 

DW: Je hoort het. Er wordt hier nogal veel Frans gesproken op de speelkoer, maar in de klaslokalen is het Nederlands… 

Jamaar, burgemeester, is dat dan wel eerlijk?  U moet dat allemaal betalen eigenlijk?

DW: Neen, vroeger was dat een gemeenteschool hier, als er 180 waren, maar door de explosie is dat dan overgenomen geweest door het… Gemeenschapsonderwijs.  Gemeenschapsonderwijs.  Zoals die nieuwe gebouwen.  De gemeente had dat moeten zetten, dan waren wij failliet hé.  Dat is zo simpel of dat het groot is.  En de gemeenschap, de Vlaamse Gemeenschap, die zet dat hier nu, dus.  Dat is een investering van meer dan twee miljoen Euro.  Dus euh… Ziet een keer dat wij dat moesten zetten met onze gemeente! 

U hebt niet eens zo’n jaarbegroting!

DW: Pardon?

U hebt niet eens zo’n jaarbegroting!

DW: Nee, wij hebben geen jaarbegroting! Zoveel. Wij hebben een jaarbegroting, in oude Belgische frank, van een zestig miljoen of zo.  Dus, onze gemeente.  Dus zuinig omspringen met de centen.

16:14 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

HET NIEUWE CENTRUM VAN SPIERE-HELKIJN

DW: Dat noemt het Nieuw Centrum.  Ik heb dat opgericht euh, dus het eerste dat opgericht geweest is in ons nieuw beleid in het jaar ’89-’90, was de industriezone van Spiere-Helkijn, dus dat zullen we ook een keer bezoeken.  En dan is het Nieuw Centrum hier gekomen.  Dus alles dat hier staat is dus opgericht geweest in het begin van de jaren ’90, dus eerste helft van mijn ambtstermijn. Lijk het gemeentehuis, dat is nu tien jaar dat dat er staat, de sporthal, dat is ook iets van een tien, twaalf jaar, en dan de kinderkribbe, en dan de nieuwe school, die nu aan het bouwen is, dus de school die veel te klein is, dus we gaan dat ook een keer bezoeken en… Dus ge kunt hier in SPiere-Helkijn, van als ge geboren wordt, kunt ge opgevangen worden in de kinderkribbe hier.  Er is een kinderkribbe van nul tot drie jaar.  Ge kunt dan naar ’t school gaan, van drie jaar tot…, ge kunt werken in de industriezone in Spiere-Helkijn, euh, voor onze derde leeftijd zorgen wij tot en met, en dan spijtig genoeg, daar liever niet te veel van spreken, er is daar een kerkhof ook. Maar daar zou ik liever niet te veel van spreken.

16:07 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

KUNST OP HET GEMEENTEHUIS

We lopen in de gangen van het gemeentehuis van Spiere-Helkijn en daar hangen enkele kunstwerken uit.  Meteen de kapstok voor dit korte gesprek met burgemeester Dirk Walraet.

 

Zijn dat allemaal uw schilderijen?

DW: Dat zijn schilderijen van een plaatselijke kunstenaar. 

Ja, die doet dat niet mis hé.

DW: Van Wardje.

Van Wardje eigenlijk?

DW: Van Wardje, ja.  Wardje is dus ook restauranthouder, en…

Ja, die combineert dat eigenlijk.   Ja, iedereen combineert hier een beetje alles eigenlijk.

DW: En hij is ook schilder; en ik vind zijn schilderijen prachtig. En regelmatig is er dus tentoonstelling in het gemeentehuis van plaatselijke kunstenaars.  En ik vind het geslaagd.  Zeer mooi.

Jaja, Wardje doet dat goed.

DW: Met alle felicitaties aan Wardje.  En hier, hier zit onze ontvanger, maar die is vandaag… weg.

Ah, er moet eigenlijk niet betaald worden vandaag.

DW: Vandaag wordt er niet betaald. Dus geen transacties.   Maar onze ontvanger, die is schepen ook.  Die is schepen in Wevelgem.  Dus hé.  En die had schepencollege.

Ah, die komt hier ontvangen en die gaat dan met het geld naar Wevelgem.

DW: Daar gaan verteren ja.  Ja, het is goed.  Dus die speelt op twee paarden.  Dus die is schepen.

Zeg burgemeester, en wat is dat hier allemaal?  Seks in het gemeentehuis?

DW: Ge moet dat altijd zien als ‘de kunst’.

Ah, dat is kunst.

DW: Ge moet dat als de kunst zien.

En daar nog meer kunst.

DW: Ge moet het zien als de kunst  Ja, ge moet dat ook een keer filmen hé. (wijst naar een ander zedelijker werk). Het ouderschap.

Nee, dat valt mij zo niet op.  Ja, dat vind ik mooi.  Maar om de ene of andere reden word ik toch meer aangetrokken door dit werk. (Ik wijs naar een naakt waarbij een vrouw met haar benen open ligt).  U waarschijnlijk ook.

DW: Ja, maar ik kan uw goesting al een beetje.  Ik ken uw goesting al een beetje.  Dus en hier gaan we naar het OCMW.

Ah, we zijn er zo slecht aan toe.

DW: Ah, het OCMW is gesloten.  Omwille van vorming. Gesloten dinsdag 22/11 omwille van vorming.

Ik had net steun nodig van het OCMW.

DW: Bedankt voor uw begrip.  Dus, ge ziet, er zijn nogal veel afwezigen vandaag. 



11:14 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

12-12-05

WERKEN IN SPIERE

Op de technische dienst van het gemeentehuis in Spiere is Karel, de rechterhand van burgemeester Walraet, de plannen aan het bekijken van de grote rioleringswerken die volgend jaar in de gemeente zullen worden uitgevoerd.  Hij heeft die plannen net ontvangen en deelt aan de burgemeester mee wat er te gebeuren staat.  De werken zullen 135 werkdagen duren.

 

DW: 135 werkdagen in het voorjaar 2006?  Slecht hé, dat is niet goed hé.

Wat gaan ze doen?

DW: Rioleringswerken.  Kokers leggen in Spiere-Helkijn;

Kunt u dat niet regelen dat dat wat…  U zit toch in de sector?

DW: Ik zit in de sector.  Ja.  Ik ga daar toch een keer moeten een mouw aan passen.

Ja, regel dat eens.

DW: Want het jaar van de stemming, werken uitvoeren.  De mensen,… van de hinder die er is.

En zijn dat wegen waarover u… waar u de verantwoordelijkheid voor draagt?

DW: Het zijn…Nee, het zijn er een paar.   Dus,  ik ben districtchef van Bruggen en Wegen, maar ik mag mijn eigen gemeente, Spiere-Helkijn, mag ik niet doen. Dus euh… er is een collega…

Doen?  Euh???

DW: Ik mag hier geen beslissingen nemen. Ik mag hier geen beslissingen nemen.  Dus ik moet het altijd laten doen door een collega.

Ja, maar u kunt die collega genoeg onder druk zetten.

DW: Woh, we hebben goeie relaties met de administratie. Jaja.

Karel: Van Kooigem weten ze niets.  Euh, Rollegem weten ze niets.

DW: Van Rollegem weten ze niets? Het is spijtig dat dat… Nu, we gaan het zien hé.  135 werkdagen, dus dat is een jaar en een half.  Ja.

Karel: Zes, zeven maand, zeggen ze.

DW: Hoevele?

Karel: Zes, zeven maand.

DW: Zes, zeven maand.

Karel: Dat is juist het einde van de werken…

Ja, ze zeggen waarschijnlijk daar bij openbare werken,daar in Spiere-Helkijn vallen toch niet veel stemmen te rapen, dat is een kleine gemeente, we gaan daar de werken uitvoeren. Daar zijn ze niet met velen, dus kunnen er ook niet velen mopperen.

DW: Er is nu een nieuwe wet gestemd waarbij dat de handelaars mogen schadevergoeding eisen, enzovoort, dus…

Aha, dat kan opbrengen.

DW: Dat kan eventueel opbrengen.

Maar ja, zijn er handelaars genoeg om schadevergoeding te eisen?

DW: Jaja, er is hier van alles in Spiere-Helkijn.  Van apotheker tot beenhouwer, en krantenwinkel en bakker en kruidenierswinkel, alles is er.

En Karel, die is er ook. 

DW: Karel is van Waregem.

Ah ja, ja het wordt eens tijd om deftig werk te zoeken hé.

Karel: Tuurlijk.

DW: Neen, maar de mensen die hier in Spiere-Helkijn gewerkt hebben, en ik spreek van ondervinding, die vinden overal zeer zeer rap en die worden zeer gewaardeerd.

Ja, maar die vinden te makkelijk werk.  Die willen hier niet blijven.  U hebt zeven secretarissen versleten!

DW: Ik heb zeven secretarissen versleten.  Want een secretaris, die wordt betaald navenant het aantal inwoners.  En Spiere-Helkijn heeft dus 2039 inwoners.  Dus, het is interessanter om secretaris te zijn in een grotere gemeente, Anzegem, Kortrijk uiteraard…

Het is niet omdat u zo’n ambetante mens bent om voor te werken dat ze hier allemaal weglopen.

DW: Neen, absoluut niet.   Integendeel, integendeel.  Karel, waar of niet?

Karel!  Pas op hé.  Hij is hier zeer graag: zeg het!  Zeg het!

Karel (lacht) : Ik ben hier zeer graag.


17:03 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

11-12-05

DIRK WALRAET: BURGEMEESTER VAN SPIERE-HELKIJN

Dirk Walraet is de burgemeester van Spiere-Helkijn, de bekende faciliteitengemeente.  Het bestuur is er Nederlandstalig, maar bewoners die louter en alleen Frans spreken, kunnen zich bij de gemeentelijke instanties in het Frans laten bedienen. Dirk Walraet is oorspronkelijk van Steenbrugge, een deelgemeente van Oostkamp.   Hij werkt al jaren bij de regie van Bruggen en Wegen.  En toen hij de kans kreeg om in Kortrijk districtchef van de dienst ‘Bruggen en Wegen’ te worden, zakte hij naar het Zuiden van de provincie af.  Nu sta ik in zijn kantoor en aan zijn voeten staat een hond te beven.  In zijn kantoor is zijn technisch medewerker, Karel, een fax aan het versturen.

 

Wie is dat?

DW: Dat is Cooper.

Cooper?

DW: Dat is mijn trouwste vriend.  Al vijftien jaar.  Hé Karel?  Ge kent gij hem altijd ook hé.  Hij is vijftien jaar trouwe medewerker.  Mijne Cooper.  En een echte mascotte.

Ah, u hebt die overal mee eigenlijk?

DW: Ja, hij is overal mee.  In ‘Bruggen en Wegen’, in de gemeente.  In ‘Bruggen en Wegen’ heeft hij zijn stoel, in de gemeente heeft hij hier zijn tapijt.  We hebben verzekers dat tapijt speciaal voor hem gelegd hé.  Speciaal voor hem hé.

En dat is Karel.

DW: Karel doet hier een beetje van alles. Als ge hier in Spiere-Helkijn werkt, moet ge allround zijn, ge moet alles kennen.

En tweetalig.

DW: En tweetaligheid is een vereiste.  Dat is een absolute vereiste.

Maar ja, was u tweetalig toen u hier aankwam?

DW: Neen, in het gehele niet.

U bent oorspronkelijk van…

DW: Ik ben van Oostkamp, deelgemeente, deel Steenbrugge feitelijk.  Steenbrugge, Oostkamp, ben ik.  En dus ik heb universiteit Gent gedaan.

U hebt universiteit gedaan?

DW: Ik heb universiteit…

U bent een universitair eigenlijk?

DW: Ik ben universitair en ik was…

Wat hebt u gedaan?

DW: Dus ik heb het diploma behaald van ‘Burgerlijk Conducteur’.  Burgerlijk Conducteur.

Treinconducteur of wat?

DW: Dat was wat de mensen altijd dachten. Maar burgerlijk conducteur was van den eerste keer de specialiteit van bruggen en wegen.  De wegen.  En daardoor ben ik bij Bruggen en Wegen gekomen.

Is dat iets als burgerlijk ingenieur?

DW: Dat is iets in beperktere vorm.  Dus, in de plaats, burgerlijk ingenieur doet vijf jaar, ik heb dus drie jaar gedaan. 

Burgerlijk ingenieurtje?

DW: Ingenieurtje, ja.  Dus een verkorte versie.  Meer intensieve dingk.  En ik was dus in Gent de enige student ‘burgerlijk conducteur’.  Ik had professors die aan mij alleen les gaven, en ik had een eigen labo, dus euh, dat was allemaal, ik was de duurste student in Gent.  Maar ik heb het mij niet beklaagd.

Dure vogel eigenlijk?

DW: Hewel, dure vogel geweest, ja.

En altijd gebleven waarschijnlijk?

DW: Boh, dat weet ik niet.

Maar ik had u onderbroken.  U was van Oostkamp, Steenbrugge.

DW: Ja, Oostkamp, Steenbrugge.

En toen?

DW: Dus, ik ben gehuwd met iemand van Sint-Michiels, aanpalend van Oostkamp, en door Bruggen en Wegen, direct als ik afgestudeerd ben, ben ik dus bij Bruggen en Wegen gaan werken, en mijn eerste job, dat was in Oostende. En in Oostende ben ik daar vijf, zes maanden geweest, en er kwam een plaats vrij als districtchef Bruggen en Wegen in Kortrijk, en ik ben naar Kortrijk verhuisd.  En ik heb eerst dus in Aalbeke gewoond, tien jaar, en dan naar Spiere-Helkijn gekomen om in alle rust te zijn hier.  Het is een plattelandsgemeente, met het gedacht, dus dat was dan het jaar ’79, en…

En de grond was hier goedkoop waarschijnlijk.

DW: En de grond was zeer goedkoop hier. Hij was zeer goedkoop, ja.

En u kon een grote lap grond kopen.

DW: En ik kon een grote grond lap kopen…Een grote grond lap kopen ja.

Neenee, geen lap.  Een grote lap grond.

DW: Grond lap, lap grond (lacht).

U spreekt niet dikwijls Vlaams meer of wat.  Spreek nie de Vlaams?

DW: Er wordt hier regelmatig Frans gesproken. Maar ja, ge attrappeert u daar soms op dat ge zeer rap… want ongeveer, laat ons zeggen, de taalverhouding is fifty-fifty, vijftig procent Franstaligen en vijftig procent Nederlandstaligen…

Fifty-fifty zegt u, cinquante-cinquante.

DW: Cinquante-cinquante, ja, dat is goed gezien. En ge attrappeert u daarop dat ge zo rap antwoordt of de mensen te woord staat in het Frans, soms.  Ge weet niet goed hoe je de mensen moet aanspreken. Dat is de ene helft Frans, de andere helft Nederlands euh, hé, dus dat gaat nog een keer moeilijk, de keuze.  En ge ziet dat moeilijk of dat het een Fransman is of een Vlaming is. 

Ah nee, zie je dat niet, zo een beetje?

DW: Nee, ge ziet dat nog niet direct.

Ik zou zeggen: als ze iets intelligenter zijn, of eruitzien, dan zijn ze… Franstalig.

DW: Nee, nee, nee, nee. Dat zou ik absoluut niet zeggen.  Want wij hebben hier zeer, zeer, zeer verstandige mensen, van laag tot hoog.  Nee, ge gaat er absoluut geen verschil in zien.

Zeg, en uw Frans, u kwam hier naar Spiere kopen… euh… Euh, u kwam hier naar Spiere wonen omdat de grond goedkoop was…

DW: Ja.  En de rustigheid.   Vooral de rustigheid.

Ah ja, en voor de rust.  En voor de rust.

DW: En voor de rust.

Maar kon u hier toen met mensen praten?  Ah, dat wou u niet, want u wou met rust gelaten worden.

DW: Ik wildige wel, want ik was iemand die zeer aan het sociaal leven deelnam, mijn roots in het eerste voor uit te gaan, dat was in Kooigem, Kooigem, aanpalende kleine gemeente, een zeer goeie stamcafé, waar dat we deze middag nog een pintje gaan gaan drinken, een aperitief, en dus dan in Spiere beginnen aan het sociaal leven beginnen deelnemen, en euh ik ben iemand die zeer graag dienstbetoon doet en die zeer graag menselijk contact heeft.  En daardoor ben ik dan in de politiek verzeild geraakt tien jaar later, in het jaar ’88.


22:22 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

HET GRAF VAN DE OUDERS VAN HENRI CUYPERS

Het graf van de ouders van Henri Cuypers is het eerste dat je tegenkomt als je links langs de voorkant van het kerkje het kerkhof opwandelt.   

Het is geen bevoorrechte plaats?

HC: Neenee, nee. Dat is nooit de bedoeling geweest, want het kerkhof ligt hier overvol, is te klein geworden, en als er een sterfgeval is, moet er een plaatsje gezocht worden. Dat is het een beetje.

Maar dus u ziet ze eigenlijk vaak.

HC:  Hewel ja, als je hier voorbij wandelt of ge passeert met de fiets, ge kijkt altijd eens over de muur hier,  ge kunt er niet van uit hé, dat is zo hé.  Mijn vader was de, ze waren met elf kinderen daar: vier die Cuypers noemden, en zeven die Lingier noemden.  En hij is de enige die in België gebleven is.  De andere zijn allemaal naar Frankrijk getrokken en daar uitgezwermd en daar uitgetrouwd.  Gans die familie van mijn vaders kant woont in Frankrijk.  Aanvankelijk landbouw, maar dan later niet meer.  Ze hebben ook van alles gedaan: Landbouw, wasserij, loondorser, aannemer, van alles zo.  En mijn moeder is een echte Meetkerkse,  en mijn vader is eigenlijk afkomstig van NIeuwmunster.  En mijn grootmoeder is dan weduwe gevallen met vier kinderen en is dan hertrouwd, gedwongen, want in die tijd bestond er geen kindergeld of wezengeld, en ze hebben misschien wel moeilijke tijden meegemaakt, dat weet ik zeker.  Ge kunt dat zien, op het graf van mijn pa staat er nog ‘A Notre Frère’, zie je het?  ‘A Notre Oncle’ van daar komt dat.  Jaja.

Het is zo allemaal in Meetkerke te doen voor u eigenlijk.  Hier geboren worden, hier blijven wonen. 

HC: Ja,  gans mijn leven.  Ja.  Eerste communie, plechtige communie.  Kennis gemaakt, mijn vrouw is ook juist hetzelfde, ook van hier.  Hier blijven wonen. Ja, kijk ja. En aan mijn leeftijd, een mens gaat niet meer weglopen hé.  Waarom?  Ik zou niet weten waarom.  Ach, het kon even goed anders geweest zijn.

Neen, dat zegt u nu.  Maar u bent hier waarschijnlijk zo gehecht aan die poldergrond.

HC:  Ja, je mag dat ook zeggen. Als je hier school loopt, je hebt wat meegemaakt, het dorpsleven en de familie en zo. Je jeugd doorgebracht, je hebt hier kattekwaad uitgehaald, van alles.  

Ha ja, wat hebt u hier uitgestoken?

HC: Wa ja, we zijn toch allemaal jong geweest hé!

Was u een beetje een deugniet ja?

HC:  Ze zeggen dat ja.  Aan de plezierige kant wellicht hé.  Veel anekdoten zo van school.  De dorpsonderwijzer tijdens de oorlog, in zijn tuin had hij zo een klein varkensstalleke. Hij kweekte een varkentje voor bijst den oorlog, voor zijn gezin. En  ik moest een keer op school blijven. Ik had de deur opengedaan en dat varken was weg.  Al zo’n stoten.

En wat zeiden ze dan?  ‘Het is weer Cupperke’?

HC:  Ja, onder andere, het is altijd een beetje van dezelfde geweest. En dat is altijd zo gebleven.  En later als ik in het college zat, was dat ook zo. Ik heb nog een kat binnengesmokkeld in het college, waar dat de studiezaal was, waar dat de studiemeester was, er lagen daar een beetje verloren voorwerpen, verloren turngroepen.  Die kat lag daar duchtig te ronken. De studiemeester kwam ernaartoe om een gebed te lezen, omdat we naar de klas moesten, en die kat keerde naar beneden, door de banken weg.  En het was : Cuypers en Vandenbussche, vang maar die kat.  Dus het was de nagel op de kop. Al zo’n stoten, ik vond dat plezant.  Ja, we moeten toch het leven aan de plezierige kant nemen. 

Ja, want ge leeft maar een keer hé.

HC: Ge leeft maar een keer  hé.   En in de kerk ook hé, ik heb hier ook nog die klokken geluid.  En dan kwam moeder overste in een vliegende colère naar de kerk om te kijken wat er gaande was.  De pasters zijn appels hebben we ook nog afgetrokken. En een keer het haakje van de communiebank losgemaakt. De paster die onderricht gaf voor de communie.  Hij was nogal zwaarlijvig.  En hij lag daartegen. En hij tuimelde achterover.  Prachtig zicht natuurlijk. Het is al kattenkwaad.  Ik vond dat gezond.  Nu is dat geen kattenkwaad meer.   Nu is dat vernielzucht.  Ge kunt er niet meer mee vergelijken hé.  .  Ik moet dat niet zeggen tegen onze kleinkinderen, of ze gaan zeggen: ge waart zelf niet beter.  Mijn vrouw komt altijd dat graf een beetje opkuisen. En ik kom hier dan bloemekes zetten een paar keren. Wat kun je nog doen?  Ge kunt niet meer doen hé.

En zitten ze nu in de hemel?

HC:  Ik hoop het.  Ik hoop het.  Het waren alle twee brave mensen.  Als er een hemel bestaat, ze zullen er wel bij zijn.

Maar u lijkt er niet zeker van.

HC: Ja, er is nog nooit niemand teruggekomen hé.

 


21:32 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

HENRI CUYPERS IS EEN FERVENT WANDELAAR

Burgemeester, burgemeester, op wandel?

HC: Ja, welja, dat is mijn hobby. Ik was vanmorgen naar Snaaskerke vertrokken voor een wandeling, maar ik heb moeten terugkeren, want het was zeer slecht weer, maar morgen ga ik toch deelnemen in Blankenberge aan de Stormtocht, dat is maar achttien kilometer.

Maar achttien kilometer?  Hoeveel kilometer doet u zo gewoonlijk?

HC: Wel, mijn lievelingsafstand is van 24 à 30.  En dat is dan normaal met mijn vrouw en met mijn dochter.  En nog een paar vrienden van Zuienkerke.  Soms alleen, soms met twee, dat hangt er eigenlijk van af zo hé. Ik heb verzekers een kleine drieduizend kilometer dit jaar al gedaan.

Hoeveel?

HC: Een kleine drieduizend.

Te voet gewoon?

HC: Ja.

Met die voeten?

HC: Ja, absoluut.  Je kunt dat hier zien op mijn wandelboekje hé.

U hebt een wandelboekje eigenlijk?

HC: Ja, ik stond hier, op 13 november stond ik op 2787 km.  En dat was in Ruddervoorde, Waardamme.  En een paar dagen voordien zat ik in Zerkegem.  Daar heb ik er dertig gedaan.

En moet u dan op tijd nieuwe banden laten steken?

HC: Wel, het is nog gebeurd in het verleden dat ik een keer een warme plek tussen de tenen had die een beetje gloeide zo, dat er een blazeke op kwam, maar normaal heb ik dat niet meer.  Ik ben al wat ouder en ik heb misschien een dik vel hé.  Misschien daardoor, ja.

En u eet genoeg worst?

HC: En ik eet veel worst van onze beenhouwer ja.  Normaal vertrekken we half de voormiddag, en we komen dan aan op het einde van de namiddag.  En onderweg eten we pistolets met een tas soep.  Er zijn overal postjes zo.  En op het einde, als we aangekomen zijn, zitten we op ons gemak voor een half uurtje, en we drinken dan een goeie Leffe,  soms twee.

Ja, u woont hier natuurlijk wel in een schitterend gebied hé, om te wandelen.

HC: Ja, het is hier een prachtig gebied.  Langs het water.   De Meetkerkse Moeren, de Uitkerkse polder, de gewone poldervlakte, het is daarom, ik ben ook medewerker en ik help ook aan…  Wij richten dus ieder jaar twee mooie wandelingen in hier op Groot-Zuienkerke, één in de Meetkerkse Moeren, een mooi gebied, en dan één tussen Blankenberge, Wenduine, en Zuienkerke, dus het natuurgebied van de Uitkerkse polder, de oudlongpolder genoemd, en wij hebben veel wandelaars getrokken, en iedereen is tevreden dat het hier zo’n mooie streek is, en met weinig middelen en met weinig reclame en met weinig kosten slagen we erin toch om…

Ja, aan het landschap moet u niet veel kosten doen eigenlijk, dat is er. 

HC: Neeeee, maar een wandeltocht inrichten, ge moet afstaan van je ontvangsten aan de Vlaamse wandel-en joggingliga, ge moet onderweg voor wc’s zorgen, je moet personeel hebben, ja, ge moet zo een beetje van alles.  We worden ook wel een beetje gesponsord zo.  Ja, onze beenhouwer zorgt voor de worst, we hebben een bakker die voor goeie pistolets zorgt, mijn vrouw maakt zelf de soep van de groenten uit de tuin. En zo, we zijn met een goeie bende die samenwerken.  Ik mag niet zeggen : die of die, je zou dan iemand vergeten, dat jammer zijn.  We werken goed samen met een groep, en dat lukt, dat lukt.  En iedereen is tevreden.

Zeg, en wandelen, is dat eigenlijk voor alle seizoenen?

HC:  Jajaja, want ik ben zelfs zinnens om de eerste januari te gaan wandelen naar Sint-Eloois-Winkel.   Ik ga soms tot in Noord-Frankrijk ook.

Ah, niet alleen in eigen streek, een beetje overal?

HC: Ja, zo een beetje overal hé.  Ook een beetje promotie maken voor onze wandeltocht hé.  En ook eens gaan kijken hoe de ander dat inricht. En ook als je in de politiek staat, het is eens nuttig dat je ook eens de achterbuurtjes ziet in een ander gemeente, dat je een keer rustig kunt bekijken hoe dat ze dat werk doen en hoe ze dat aanpakken. Ge leert altijd iets bij.  En ge komt dan thuis en ge kunt dan in de zetel zetten.  Ik voel dat je er deugd van hebt, dat je zo een heel ander mens zijt daarvan.

En wandelt u iedere week eigenlijk?

HC: Jajaja.  Tenzij dat ik eens een speciale verplichting heb. En november is wel zo een beetje geweest.  Maar anders, als de zondag te moeilijk valt, durf ik wel een keer in de week gaan ook. Dat is nog moeilijker.

En wandelt u soms naar het gemeentehuis?

HC: Neeeeenee, omat ik dan mijn gerief niet kan meenemen. En als ik wandel heb ik mijn speciale kledij aan.  Ik wandel niet in kostuum.  Neen, nee, nee, dat is niet sportief eigenlijk en niet gemakkelijk om te wandelen.  Een gewone training, of in de zomer een korte broek.  Ge leert dat wat dat je nodig hebt hé, ge ziet dat volgens het weer.  En volgens de afstand dat je doet.  Ge snuift van alles op hé. Ge doet altijd ervaring op hé met wandelaars.  O ja,dat is , dat is hetzelfde als op café gaan hé. Je hoort ook een twat, je hoort ook nieuwtjes.  Ik doe het meer voor mijn persoonlijke conditie. Ik voel me daar heel goed bij.  De dokter zegt: ge moet dat blijven doen, zolang dat je dat kunt. En ik voel me daar heel goed bij.  Ik ben misschien maar laat begonnen. Ja.  In mijn jonge jaren had ik daarvoor geen tijd.  Het was dan meer fietsen en andere sporten.

Ja, en wandelen, het is altijd zo ver hé.

HC: Wo ja. Ik weet als je in groep zijt, dat dat gaat.  En achter zeven, acht kilometers heb je een kleine rustpost, ge zijt dan weer gestimuleerd.  Nee, ik voel me daar heel goed en gelukkig bij.  Echt.

Jaja, maar u ziet er heel goed en gelukkig uit.

HC:  Ja maar, het is de motor die telt hé. Schijn bedriegt soms hé.  Er is ook een Vlaams spreekwoord dat zegt ‘Krakende Wagens lopen het langst’

En kraakt u al een beetje?

HC: Nee, zeker niet.

Oei!  U zult niet lang meer lopen dan?

HC: Ja, maar, een spreuk is de waarheid niet hé, dat is een gezegde hé.


21:26 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

HENRI CUYPERS HOUDT VAN DE WORST VAN SLAGER HERMAN

HC: Ja, thuis, als ze nog een beetje aan de zachte kant zijn, hang ik ze een beetje zo waar dat er beetje tocht is, in het kelderraam ga ik maar zeggen, en voor mijn vrouw eet gaarne een harde worst, en voor mij mogen ze iets ‘nisser’, iets zachter zijn.  Dat is elk zijn goesting, maar ze blijven vree goed van smaak hé.

Waarom?  Omdat de tandjes niet te goed zijn burgemeester?

HC: Ja, mijn tandjes zijn wel goed wè, ja. Absoluut.  Daar gaat het niet over.  Het is kwestie van goesting hé, ja.

U hebt het liever zacht, en uw vrouw heeft het liever hard?

HC: Zo kan je het ernstig uitdrukken, ja. 

Omdat zij de baas is in huis, de harde?

HC: Ja, mijn vrouw is ouder of ik.

Is uw vrouw ouder dan u?

HC: Ha ja, acht dagen, maar dat heeft zijn invloed hé. Zij is de baas thuis, en het schijnt dat dat zo moet zijn hé. Waar dat de vrouw baas is in huis, is het de goe menage hé.  Zegt men.

Is het waar?

HC: Ja, men zegt dat, ja

Ze zeggen zoveel, ze zeggen ook: vlees is onmisbaar in de gezonde keuken.

HC: Jaja, voor ons toch.

18:11 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

HENRI CUYPERS BIJ SLAGER HERMAN

HC: Ah, dag Ingrid. 

Ah, Ingrid.  Hoe is het?

Ingrid: goeiedag.

HC:  Ja, Ingrid. Heb je nog bloedworst?

Ingrid: Ik ga er een keer achter gaan.

HC:  Ga je er een keer achter gaan? Ik was het gisteren vergeten.  Hij heeft nogal marchandise wè hier.

Bloedworst?

HC: Bloedworst, natte worst, droge worst.  Alles van het varken is hier heel goed.  Ze komen hier van heel West-Vlaanderen.  Hij is heel gekend voor zijn worst.

Serieus? Voor zijn worsten eigenlijk?

HC: Ja, echte specialiteiten.

Herman: Dag burgemeester.

HC: Herman!  Ik heb gisteren vergeten achter bloedworst te komen.  Heb je er nog?

Herman: Jaja, jaja.

HC:  Ge moogt er een kilo geven.

Herman: Nee, ik heb maar eentje meer.

HC: Toeme toch.

Herman: Ja vent.  Jaja, maar er zijn er veel verkocht geweest van de weke.  Een beetje met dat koud weer.

Dus, de vrouw zal geen worst krijgen.. 

HC: Ja, dat is te zien of dat ik direct naar huis ga hé.  Ik ga een paar droge worsten meedoen ook hé.

Herman: Ja, hoevele?

HC: Een stuk of zesse.

Herman: Een stuk of zesse? Ja,  Een beetje droge of…

HC: Het mag aan de droge kant zijn.

Herman: Een beetje aan de droge kant, ja.  Kijk, we hebben er hier zesse hangen ze.

HC: Dat is eerste klasse.

Burgemeester, komt u eigenlijk altijd het vlees kopen, of?

HC: Ja, mijn vrouw ook wel een keer.  Ik doe een beetje de commissies volgens dat dat past hé.  Maar hier kom ik graag om worst, want ze komen hier van heinde en verre.  Ge moet er vroeg bij zijn of ge zijt te laat.

Dus als u worst hebt… Als u worst nodig hebt, dan moet u hier zijn eigenlijk?

HC: Jaja, absoluut.  In de aanpalende gemeenten, iedereen, fantastische goeie worst.  En nog een beetje euh…

Voor al uw worst, kom naar Zuienkerke.  Zoiets?  Ja?

Herman: Ja, ja, dat is zo.

HC: Voor een droge worst, een korte of een natten, bij Herman moet je zijn.   Euh, en nog een beetje hesp ook, Herman.

Herman: Hesp?  Gekookte hesp?

HC: Ja.  Een schelle of viere.

Herman: Euh, een twa dat we zelve maken?  Of euh?

HC: Pak mo van de…

Zelf maken? Dat is eigen hesp?  Van eigen billen dan?  Of wat?

Herman: Nee, eigen fabrikaat, het is niet van onze bil hé.

Ah ja.Van wiens billen zijn het dan?

Herman: Dat is van het varken.

Ah ja.

Herman: Van het varken.

HC: Van een dood varken hé

Ah ja.

HC: Niet van een levend varken hé, ha ja.

Herman: En hoevele had je er gewild, burgemeester?

HC: Een schelle of viere, Herman.

Bent u eigenlijk een echte vleeseter burgemeester?

HC: Woh ja. Ik zin een beetje van een Bourgondiër. Ik ga niet zeggen dat ik veel drink, maar eten, ik heb altijd honger.

Is het waar?

HC: En als ik thuiskom, en ik heb geen honger, maar ik ruik dat vlees of die saus of die soep, dan kan ik direct aan de slag.  Gow ja.  Dat is één van mijn zwakke kanten hé, dat ik een beetje aan de zware kant weeg.  Ik ga ook voor de goeie marchandise hé.

Ja maar je ziet dat hé, mijnheer de slager, de burgemeester komt hier binnen, werkelijk met het water in de mond hé.

Herman: Natuurlijk, hewel ja, zou je geen water in de mond krijgen, van al dat moois te zien liggen?

HC: En nog eerst een schelle of drie, viere van dat geroosterd spek.

Herman: Geroosterd spek hier?  Ja. 

HC: Ik eten dat ook graag wè.

Herman: En van dikte?

HC: Met een beetje mostaard.  Niet te fijn hé, niet te fijn.

Jaja, het mag een serieus schilletje zijn voor de burgemeester.

HC:  Als ie te dikke is, ik eet dan maar een halve.  In plaats van een halve, ik eet dan maar één.  Voor mij komt dat niet zo nauwe. 

Wat is uw favoriete vlees eigenlijk?

HC: Goh, favoriete vlees. Goh, een schelletje uit de hespe en een biefstukje, ja, ik eet dat allemaal graag. Het mag  zelfs vlees zijn, en in de hutsepot, ik eet dat ook graag.

Als het maar vlees is.

HC: Als het maar vlees is, ja.

U bent eigenlijk een echte vleeseter.

HC: Jaja, dat mag gezegd worden.

Zo echt een oude Belg.

HC: Een Oude Belg, ja.  Ik zijn van de boerenbuiten, en ik leef nog een beetje zo hé.

Kunt u eigenlijk begrip opbrengen voor mensen die zo echt tegen vlees zijn?

HC: Dat is elk zijn goeste hé eigenlijk . Als je geen vlees eet, moet je dan vis eten. Maar eigenlijk niets eten… Noch vlees noch vis, dat begrijp ik toch niet.  Het waait hier nogal veel, dus je moet maken als je op straat loopt, dat je niet wegwaait hé. 

Dus nu en dan een stevige worst.

HC: Jaja, met de boterham, of met de saus, of in de hutsepot, het is gelijk hoe. Ik trek me van de keuken niets aan, ik eet alles graag dat mijn vrouw klaar maakt.

Ah, u trekt zich niets aan van de keuken eigenlijk.

HC: Neen.

U komt het wel de ingrediënten halen…

HC: Jajaja.  Al dat ik meebreng, gaat ze klaarmaken.  Ja natuurlijk.  Ik eet alles graag.  Moest ik overal een twa van mee doen.

U zou het allemaal opeten.

HC: We zijn maar met tweeën meer hé.  Vroeger waren we met vieren in het menage. Ik moet toch een klein beetje fringen, hoewel dat dat moeilijk gaat.  Ik heb toch al leren ’s morgens een beetje confituur eten ook.

Ah ja, anders was het ook vlees ’s morgens.

HC: Ha ja.  Een boterham of drie met een schelle hesp, of ja, zeker. Ik sta nog kloek op mijn benen, ge moet er niet aan twijfelen.

Ja, dat gaat wel. 

HC: Ja, zeg een keer.

Herman: 9,35 €

En is het eigenlijk altijd de burgemeester die komt?  Of ook een keer zijn vrouw?

Herman: O, dat is ook soms zijn vrouw. Zoals hij zegt: elkaar een beetje afwisselen.

Maar u hebt liever dat de burgemeester zelf komt, want die kan zich niet bedwingen natuurlijk, die ziet dan nog eens dat soort worst,… Ja, is het?

Herman: Goh ja. Het is ook niet altijd ik die bestel, het is soms ook een keer mijn vrouw, natuurlijk ja.

HC: Ja, het is zo hé.  Als ik hoor dat mijn vrouw naar de dokter of naar de apotheker moet, hewel ja, ik ga dan niet aandringen om de boodschappen zelf te doen hé, voor mij is dat juist hetzelfde.

Maar naar de slager komt u liefst zelf?

HC: Wel joak, absoluut, het is dan voor wat hetgeen je bij je boterhammen eet dat je dan een beetje meer zelf kunt kiezen hé.  Want hetgeen dat ze ’s middags gereed doet, dat laat me koud, dat is al hetzelfde. 

Dat is altijd warm, dus dat laat u koud?

HC:  Jaja, absoluut.  Allez, Herman.

Herman: Burgemeester!

 


18:08 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

HENRI CUYPERS: EEN MAN VAN VOOR DE OORLOG

HC: Jaja, ik ben van 1935, ik herinner me nog goed de oorlog.

Ja?

HC: Jaja, ik was op de boerenbuiten met de Duitse bezetting.  Ik kan daarover een boek schrijven.  Ik heb daarover vele, zelfs aangename anekdoten. Ja, zeker.  Ik heb nog naar school geweest, ik woonde op zo’n kilometer of drie, vier van de school en het was toen met de fiets of te voet naar school hé.  En ik heb nog een luchtgevecht geweten van een Duits jachtvliebgtuig, een Messerschmidt tegen een Spitsfire, geloof ik.  Luchtgevechten, en we moesten ons langs de straatkant leggen, en we hoorden de kogels door de takken van de bomen fluiten.  En ik heb nog iemand, ik heb nog een Australische piloot zien neerkomen op vijfhonderd meters van me.  Op de grens van Brugge met Meetkerke. En als schoolkind, we liepen daar naartoe, en de Duitse blaften ons af, blafte ons af, we mochten niet dichtbij.  Maar die man ging niet weglopen.  Hij was lelijk verbrand.  Hij gaf zich gewillig over.  Ik heb veel anekdoten.  De Duitsers hadden ook van die paardjes met de kar aan.  Wij kropen daar dan op en we hangden daar dan aan.  En bijst den oorlog, dat was de tijd dat we nog kloefen droegen, een schort, een schabbe, en met kloefen.  In het jaar 40-44 was dat zo.  Als ik nu tegen mijn kinderen vertel, wel ja, ze geloven dat niet.  Of ik zie ze een keer lonken naar mekaar, de ouden maakt ons iets wijs. Of hij is weer aan het zagen of zoiets.  Je ziet dat.  Tussen de school en ons huis was er een spergebied.   Daar was er een wachthuisje van de Duitsers.  Dat was altijd onze tussenpost.  Wij kregen daar soldatenkoeken en dit en dat. Tegenover de kinderen waren ze, gow, dat was goed.  En boven de gemeenteschool in Meetkerke waar we zaten, was er een platform gemaakt, en er zat daar een mitrailleur op.   Het was nog zeer gevaarlijk.  Maar als kind beseften we dat niet. Ik heb nog geweten dat ons vader tijdens de oorlog een varken slachtte.  Binnen in een kot.  Want dat was ten strengste verboden hé.  Want je moest melk inleveren, je moest graan inleveren, je moest van alles, alles werd, melk, boter, alles stond onder controle, maarja, wij hadden ook familie, of mensen die we goed kenden, of mensen waarmee we compassie hadden, kwamen daar voor niks achter, of voor een prijzeke.  We zijn er nooit mee rijk geworden. 

Ja, maar het scheelt toch niet veel.

HC:  Er zijn andere gevallen geweest.  Er zijn andere gevallen geweest. Maar wij zeker niet.   Ik heb nog geweten in de winter, mijn moeder was bezig met hutsepot te maken in de keuken, en de Duitse waren op oefening, want op het einde van de oorlog begonnen ze al honger te krijgen hé.  En toen kwamen ze naar de kippenkoten, euh, voor aan wat eiers te geraken.  En ik weet nog altijd, de Duitse waren in groene kostuum, maar er zaten ook bruine tussen, dat waren er van de Hitlerjeugd. Van die jongemannen zo, van die fanatieke.  En hij hefte het deksel op, en mijn moeder sloeg met haar handdoek op zijn kop.  Dat zijn al dingen die ik nog kunnen onthouden heb.  En dan in de landerijen.  Er werden overal putjes gemaakt en er werden daar palen in gezet.  Omdat de vliegtuigen niet zouden kunnen landen. En ’s nachts als het donker was, of bij valavond, als er zo schone bomen klaar lagen, ik en mijn vader haalden dat weg.  We staken dat weg onder het strooi.  Dat was dan om na de oorlog planken van te maken.  En deuren te vernieuwen.  En een beetje brandhout.  Ik kan zo doorgaan tot morgen met herinneringen van de oorlog.

Hewel, doe maar hé.  Weet je wat?  Ik zal mijn camera hier laten staan, en ik kom morgen nog eens terug.

HC:  Ge moogt terugkomen.  Het zou een beetje te zijn hé.  Jaja gow.  Maar ja, als jongen van de buiten, oorlogsjaren, dat waren hongerjaren voor velen.  Maar wij waren op een klein landbouwbedrijf, wij hadden geen honger, en we brachten nog schoolkinderen mee, kinderen die niets te eten hadden, brachten wij mee naar huis.  En mijn moeder zette daar dan een ganse klap boterhammen.   Mijn ma bakte zelf van dat brood tijdens de oorlog, van dat tarwebrood. En het was altijd worst en een schelle boerehespe.  Ha ja, en die kinderen gingen dan welgezind naar huis.

Allez, je hebt eigenlijk goed gegeten in de oorlog.

HC: Wel ja, normaal gegeten hé, als kind besef je dat niet.   Geen overdaad hé.  Veel luxe was er natuurlijk niet.  Ge kon geen appelsienen kopen, geen pralienen kopen, in die jaren kende men dat praktisch niet.   Je mocht nog de middels hebben, dat kwam zelden op tafel hé. Het was al eten waar je zelf voor zorgde.  Op de buiten, er werden konijnen en kiekens gekweekt en varkens geslacht.  En groenten gekweekt.  Zo ging het leven hé.

Ja, u zegt: ik zou een boek kunnen schrijven.  Bent u daar al mee begonnen?

HC: Neenee, ik heb nu nog geen vrije tijd genoeg. Binnen enkele jaren misschien wel, dat ik dan niet weet wat gedaan tijdens de winter, ik ga dat dan allemaal eens op een rijtje zetten en misschien wel een beetje uitwerken. Ik droom daarvan.  Ja, absoluut.

Ja, het is ook zo : de volgende generaties kunnen zich dat niet meer inbeelden hé?

HC:  Inderdaad, als je nu de jeugd hoort en ziet, ze weten niet wat er gebeurd is in de jaren 40-44.  Ze weten niet wat er gebeurd is.  Het woord ‘oorlog’ kennen ze natuurlijk, maar hoeveel mensen er gestorven zijn en wat de ontbering geweest is, de jeugd wordt dat niet meer geleerd in school hé.  Ze weten van niets.

Maar vindt u dat belangrijk?

HC:  Ik vind dat belangrijk.  Dan zouden ze misschien minder goesting hebben om bepaalde bewegingen te steunen.

 


17:56 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

HET BURGEMEESTERSCHAP VOLGENS HENRI CUYPERS

Zuienkerke is 5000 hectaren groot en heeft 2800 inwoners.  Daarmee is de gemeente van burgemeester Cuypers de derde kleinste gemeente van West-Vlaanderen qua inwoners, na Mesen en Spiere-Helkijn.  Vleteren heeft juist een beetje meer inwoners.  Klein dus, maar toch kruipt er veel werk in.  Want Henri Cuypers is vaak op het gemeentehuis te vinden.

 

HC: Ik ben hier altijd van tien uur tot de middag.  Soms ook veel vroeger, soms ook ’s namiddags, soms ook ’s avonds, dat is volgens,  maar altijd, het publiek weet dat, de mensen weten dat dat ik hier altijd ben van tien tot twaalf uur.  Dat is hier het centrum van onze kleine gemeente.  Het is beter dat ik hier dan dat ik thuis blijf hé, anders mensen moeten zich veel verder verplaatsen hé.  En het is ook dicht, als er moeten stukken getekend worden.  Dat de bedienden, de secretaris, ja, ge zijt rap bij mekaar dan hé.

 Maar is dat eigenlijk een fulltime-job hier, het burgemeestersschap? 

HC: Dat is zeker een fulltime job geworden.  Ik heb dat vroeger, het is mijn tweede termijn, het is bijna elf jaar dat ik burgemeester ben, en het werk is meer dan verdubbeld bij vroeger.   Ook voor de schepenen.

Serieus?   En waar kruipt dat werk dan allemaal in?

HC: Dat ligt aan de nieuwe wetgevingen, aan de hogere overheid, die met alles afkomt.  Ik ga bijvoorbeeld zeggen, ge moet maar een tuinhuisje of een kleine serre zetten.  Vroeger was dat een ‘aanvraagtje’, en dat was goed.  Maar nu is dat een pak plannen en aanvragen en adviezen die je moet inwinnen.

Ze zeiden nochtans dat alles simpeler moest, en minder papier en…

HC: Ja, mo ze zeggen veel hé.  Ze zeggen veel hé.  Zeker, het is zeker niet versimpeld. En met de nieuwe informatica is dat ook niet versimpeld.  We hebben evenveel bedienden en het is een veel grotere papierslag geworden bij vroeger.

Oei!

HC: Jaja, dat is zeker dat.

Dus het is eigenlijk geen pretje meer, burgemeester zijn.

HC: Woh, pretje.  Euh, wo ja, ge moet het ook graag doen.

Wat is er daar dan leuk aan, aan al dat papierwerk?

HC: Aan dat papierwerk is er zeker niets leuks aan, maar burgemeester zijn, onder de mensen zijn, in contact komen met mensen, een twa kunnen doen voor de mensen, dergelijke zaken.  Je hebt het of je hebt het niet hé, die politiek, goesting of druk of de aangename kant eraan, ja .  Je hebt veel zware dagen, maar je hebt ook een keer een dag dat je zegt: we hebben een keer een receptie of een feestje, er moet een aangename kant bij zijn ook, maar daarvoor  moet je het niet doen, daarvoor alleen moet je het zeker niet doen.  Het moet het ook een twien doen hé, ha ja.

Het is vuil werk, maar iemand moet het doen.

HC: Zo kun je het ook zeggen.

Jamaar, is het zo erg?  Ik begin bijna medelijden te krijgen.

HC: Medelijden moet je niet hebben, neenee, ge kunt ook zeggen: als het te zwaar wordt, ge moet het maar niet meer doen hé.

Ik wou dat nog net zeggen.

HC: Ik zou dat zelf ook zeggen.  Ik ga dat ook niet blijven doen hé. Ja.  Ik ben nu 70 jaar, volgend jaar nog lijsttrekker en dan maximaal nog drie jaar en dan ga ik mijn sjerp indienen hoor. 

Ja, het is geen leven, als ik dat hoor.

HC: Ja, een hondenleven, zeker, durf je zeggen.  Neen, zo erg is het ook niet.  Maar het is toch druk. En de weken, en de dagen en de weken en de maanden vliegen hé.  Het is bijna weer een jaartje gepasseerd.  Dat is er ook geweest hé.

Ja, en het zijn uw jaren ook die aan het vervliegen zijn hé.

HC: Jaja, zeker, het gaat voor iedereen rap, denk ik wel

 


16:38 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

08-12-05

HET MEETKERKE VAN BURGEMEESTER CUYPERS (4)

HC: Dat is hier het einde van het centrum: het Blankenbergs vaartje.

Ah ja.  En dus als we dat hier volgen, komen we in Blankenberge terecht?

HC: Inderdaad, aan de jachthaven van Blankenberge.

Ah, u gaat dus eigenlijk dikwijls per boot naar Blankenberge?

HC: Ja, euh, in de winter zijn we nog op schaatsen naar Blankenberge geweest.  Als alles toegevrozen was.  Maar het is ook van in de kinderjaren hé.  Sedertdien hebben we niet veel harde winters meer geweten hé. Dag Gerard.

Dag Gerard!  Ja.  Familie?

HC: Nee, nee, geen familie.  Ik heb een keer geluk, het is geen familie.  Maar je hebt hier een… Ge kunt hier prachtige wandelingen doen, ook met de fiets, kun je ook weggaan langs hier.  Daar in … kapelle, prachtig panorama met d molen erachter, maar ja, de avond is gevallen hé. Dus euh...

Ik dacht al: wat valt er hier?  Het is de avond.

HC: Het is de avond die gevallen is.  Jajajaja.  In mijn kinderjaren heb ik hier veel weest vissen, tussen donkeren en klaren, en soms een keer niet naar school geweest…

Soms, maar niet te veel?

HC: Nee, gespijkerd zo, ik durfde eens spijkeren.  Om een palingske te vangen overdag of in de namiddag zo.  Achter het vaartje hier.

Serieus?

HC: En vroeger zat er veel vis hé.  Maar nu, het is de moeite niet meer waard, denk ik.

En dan kwam er niemand langs om te zeggen van: ‘Henrieke, wat doe je gij hier?’

HC: Ja, we waren slim genoeg dat we ons wegstaken hé, ja.

Ja, altijd een beetje een deugniet geweest hé burgemeester!

HC: Ja, misschien wel.

Jaja, een sloeber hé.

HC: Een sloeber, ja.

Jaja!

HC: We moeten dat al niet zeggen tegen onze kleinen hé, of ze zouden zeggen: opa was niet beter.

Ik zal het stilhouden hé.  Wat zeiden ze?  Henrieke van Cuypers?

HC: Ja, Henrietje, als je klein zijt, geven ze een troetelnaampje hé.  Dat was bij iedereen zo hé.

Wat was het? Rietje?

HC: Henrietje.  Dag Hugo!

Wie was dat?  Ludo?

HC: Hugo.

Hugo!  Hugo!  Familie?  Familie?

HC: Neen, geen familie, maar zijn echtgenote zit bij ons op het gemeentehuis.  Bij de politie.  Politiebediende.  Kijk, en zoals je ziet, de kerk wordt hier verlicht.  Ja, de kerk is hier geklasseerd en heel dat gebied valt onder de klassering van het dorpsgezicht.

En u ook?  Bent u ook?

HC: Nee, ik ben nog niet geklasseerd.  Ik ben nog niet lelijk genoeg. (lacht)

Of misschien bent u al gerestaureerd hé.

HC: Gerestaureerd.  Jawadde

12:46 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

HET MEETKERKE VAN BURGEMEESTER CUYPERS (3)

Zijn er hier eigenlijk nog ergens handelszaken voor de rest?  Een slager bijvoorbeeld?  Of een kruidenier?

HC: Neen, een slager is er geweest, kruideniers zijn er drie geweest.  Een bakker is er geweest.  Er is hier niets meer buiten hier eigenlijk, de café, een bistrootje, en op de grote baan ook een café bistro, dat is er nog, een dancing op de grote baan, in het dorpke zelf hier, neen.  Het is hier niets meer van… Er zijn wel zelfstandigen nog: een aannemer, dergelijke zaken zijn er nog, maar eigenlijk voor winkels, het dagelijks, mensen zijn hier afgestemd voor naar Zuienkerke of naar Brugge te gaan. Grote inkopen te doen en in den diepvries te steken. De mensen passen zich aan hé.

Je moet eigenlijk…

HC: Dat is een beetje overal zo hé.  Ik vermoed dat dat een beetje overal zo is hé. Johnny!

Johnny!

Johnny : Daaag!

Het is Johnny!

HC: Jajaja, iedereen kent iedereen hier hé.

Ja, tuurlijk, ze zijn allemaal familie.

HC: Inderdaad.  Zijn vrouw is ook nog familie.

Zie je?  Ik wist het.

HC: Klopt hé, klopt hé, je wist het hé.

En hoe was Johnny familie?

HC: Via zijn echtgenote.

Zijn slechtgenote?

HC: Zijn echtgenote, zijn wettelijke echtgenote.

En dan komt u hier eigenlijk de zondag naar de mis?

HC: De zondag naar de mis?  Hewel ja, er zijn vier parochies in Groot-Zuienkerke, ik ga een keer naar hier, ik ga een keer naar daar, en het gebeurt dat ik ook wel een keer nergens ga hoor.  Dat gebeurt wel een keer.

Ssssst.  Ge moet dat toch niet rondvertellen.

HC: Ja maar ja, in de politiek moet je eerlijk zijn hé. Ik ga zoveel mogelijk, maar soms lukt het ook niet hé.

Ah, in de politiek moet je eerlijk zijn?

HC: Ja natuurlijk.

Maar dat is nieuw! U bent een vernieuwer gewoon.

HC: Ja, ik ben het altijd geweest.  Het is daarvan dat ik van het jaar ’77 in de politiek zijn, en altijd in de meerderheid geweest zijn.  Ge moet eerlijk zijn in het leven, dat wordt beloond hé   Ja.

Maar misschien, als u wat minder eerlijk was geweest, was u misschien minister geworden of zo.

HC: God bespaar me daarvan!

God spaart u daarvan!  Hoort u het daarboven?  Ja, het is goed. Hij zal u sparen, zei ie.

12:42 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

07-12-05

HET MEETKERKE VAN BURGEMEESTER CUYPERS (2)

U bent geboren in Meetkerke, u bent dan waarschijnlijk hier gedoopt?

HC: Ik vermoed van wel.   Ik was er bij maar ik weet het niet meer.  Jaja, ik ben hier gedoopt.

En u zult waarschijnlijk hier begraven worden ook, of?

HC: Ja, er is daar geen spoed bij hé, we hebben nog tijd hé.  Over de kerkmuur, ergens zal er nog wel een plaatsje zijn voor mij nog.

En wordt u dan begraven langs de kerk zo?

HC: Hewel ja.  Een hoekje.  Dat kerkhof is hier eigenaardig van vorm.  Een beetje driehoekig en rond die linden.  Er is niet veel geen plaats meer, maar ja, er zijn van langs om meer crematies en zo, en er zal nog wel een hoekje of een kantje vrij zijn, denk ik.

Ah ja.

HC: Er is daar geen haast bij hé. 

Nee.  Maar het is maar om zeker te zijn dat je hier kunt liggen.

HC: Het is beter dat je moet naar een begraving gaan, of dat er iemand moet komen voor u hé.

Jaja, tuurlijk, maar allez ja. Door het feit dat je hier geboren bent, en gelijk wat…  Het is beter dat je het hier dan ook rondmaakt hé.

HC: Inderdaad, inderdaad, dat is waar.  Ik denk er nog niet aan hoor. En ik denk er niet aan.  De tijd zal komen.  Ge moogt er niet aan denken in het leven hé.  Tot dat hij plots opduikt.

Mag je daar niet aan denken?

HC: Volgens mij toch niet.

Ik heb nog mensen tegengekomen die zeiden: hoe ouder dat je wordt, hoe meer dat je daar aan denkt.

HC: Ja, dat gebeurt ook wel dat ik een keer de rouwberichten in de kranten nasla, en dat ik zeg: tjiens, dat is ook één van mijn oude.  Dat is één die minder geluk heeft.  Of dat is één die pech gehad heeft.  Ja, dat staat er bij hé.  Als je dan al de mensen ziet die verongelukken en zo, en de moderne ziekten en wat weet ik allemaal.  Goh ja, het moet het lukken in het leven hé.  En als je jong zijt, besef je dat niet.  En als je ouder wordt, ik denk wel dat je daar een keer kunt aan denken.  Ja.

Ja, maar allez, het is niet dat ik u daar wil laten aan denken, het is beter inderdaad, dat je daar niet te veel mee te maken hebt, want zeg…

HC: Inderdaad, we gaan beter die ernstige gesprekken en die lugubere dingen een beetje stoppen.  Ik zou er niet willen van dromen.

Ja maar ja, het is omdat ik bekend ben voor mijn ernst, dat ik denk, ik zou daar toch nog…

HC: Jaja, je ziet er zeer ernstig uit, dat is waar, jaja

Ja, je hebt veel burgemeesters die zeggen: aub wat minder ernstig, maar euh…

HC:  Ja, ik hou van een mop, en ik tap gaarne een keer een mop, en ik pak zoveel mogelijk aan de plezierige kant op. Het leven is zo kort, dus.  Ja, waarom?  Ge moet welgezind zijn, ge moet kunnen moppen vertellen, ge moet kunnen het de mensen aangenaam maken, ja. Gow, ik ben zo.  Denk ik toch. 

Een optimist eigenlijk?

HC: Jaja. Absoluut, jaja.

Ik zou bijna zeggen tot in de kist, maar ja, dan begin ik weer hé!

HC: Alstublieft!  Alstublieft!  Alstublieft!  Alstublieft

23:24 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

STEM NU: VERVROEGDE VERKIEZINGEN!!!

In totaal kon u al 45 weken genieten van de fratsen, avonturen, wijsheden, bezigheden en overpeinzingen van de West-Vlaamse burgemeesters.  Een paar enkelingen niet te na gesproken doen ze allemaal mee.  Dus zijn we er na nieuwjaar zeker terug.  Maar tijdens de kerstvakantie ziet u de beste momenten van de voorbije 45 weken.  Wat die beste momenten waren, daar mag u helpen over mee beslissen.  In de rechterbovenhoek klikken en zo komt u bij Microman zelve terecht.  Hij zweert dat hij rekening zal houden met uw stemmen.  Tot hiertoe zijn het vooral de aanhangers van Georges Lambrecht (Wielsbeke), Willy Vanhooren (Bredene) en Luc Decavele (Harelbeke) die van zich hebben laten horen.  Maar er is nog tijd en ruimte.  Dus actie!  Hieronder ziet u de lijst van de 184 filmpjes die voor de kerstvakantie uitgezonden werden (worden). 

 

 

  1. Karl Bonny bij de fanfare en op de markt (1)
  2. Karl Bonny zegent een huwelijk in (2)
  3. Karl Bonny met Miss West-Vlaanderen en Wim Vansevenant in Den Engel (3)
  4. Karl Bonny en de verplichte feestelijkheden (4)
  5. Carl Vereecke gaat uit de bol tijdens vergadering van de Orde van de Ezels (5)
  6. Carl Vereecke als lector in de kerk (6)
  7. Carl Vereecke bij de brandweer (7)
  8. Carl Vereecke en de paardjes (8)
  9. Roland Verleye op het voetbal (9)
  10. Roland Verleye en de blinde-geleide-honden (10)
  11. Roland Verleye als vrijwilligers (11)
  12. Roland Verleye als wielertoerist (12)
  13. Georges Lambrecht en zijn vrouw (13)
  14. Georges Lambrecht en het gemeentehuis (14)
  15. Georges Lambrecht gaat pingpongen (15)
  16. Georges Lambrecht gaat winkelen (16)
  17. Hilaire Verhegge en zijn vrouwtje Clara (17)
  18. Hilaire Verhegge en het leven op zijn erf, en zijn tractor (18)
  19. Hilaire Verhegge bezoekt de oudjes in het rusthuis (19)
  20. Hilaire Verhegge en het overlijden van zijn zoon (20)
  21. Dirk Cardoen: na de plechtigheid in Passendale gaat hij eten in het restaurant van zijn dochter (21)
  22. Dirk Cardoen en zijn hond Dolfke (22)
  23. Dirk Cardoen en Oscar Maes, Rogeeke uit ‘Thuis’ (23)
  24. Dirk Cardoen gaat kaarten in café De Geit (24)
  25. Stefaan Declerck bezoekt samen met zijn vrouw zijn moeder in het rusthuis (25)
  26. Stefaan Declerck gaat fietsen (26)
  27. Stefaan Declerck bezoekt de designbeurs Interieur (27)
  28. Stefaan Declerck en een drukke dag uit zijn leven (28)
  29. Luc Vanparijs stelt ons zijn vrouw voor (29)
  30. Luc Vanparijs gaat lopen en zwemmen (30)
  31. Luc Vanparijs woont een gouden bruiloft bij (31)
  32. Luc Vanparijs speecht tijdens buitenlandse verbroedering (32)
  33. Joris Hindryckx speelt trompet (33)
  34. Joris Hindryckx als financieel directeur van de Katho (34)
  35. Joris Hindryckx bezoekt het kasteel van Houthulst (35)
  36. Joris Hindryck gaat de voetbalkunsten van zijn zoon bewonderen (36)
  37. Michiel Van Daele en het koningspaar in Ieper (37)
  38. Michiel Van Daele en de tentoonstelling (38)
  39. Michiel Van Daele luistert naar muziek en spreekt veel talen (39)
  40. Michiel Van Daele toont zijn films (40)
  41. Patrick Moenaert gaat wandelen (41)
  42. Patrick Moenaert speelt gitaar (42)
  43. Patrick Moenaert vergadert (43)
  44. Patrick Moenaert vertelt over ziekte en operatie (44)
  45. Jean-Pierre Declercq bij de spoorwegen (45)
  46. Jean-Pierre Declercq gaat lopen (46)
  47. Jean-Pierre Declercq gaat vissen (47)
  48. Jean-Pierre Declercq (48)
  49. Johnny Goos zingt (49)
  50. Johnny Goos wandelt (50)
  51. Johnny Goos en de fotosessie bij zijn schoonzoon fotograaf (51)
  52. Johnny Goos op de markt (52)
  53. Jan Verfaillie op de boerderij van zijn ouders (53)
  54. Jan Verfaillie bezoekt een honderdjarige (54)
  55. Jan Verfaillie bij de politie (55)
  56. Jan Verfaillie over Anneleen Touquet, zijn vriendin (56)
  57. Willy Vanheste over hoe hij rijk werd als wielerrenner (57)
  58. Willy Vanheste en zijn vogels (58)
  59. Willy Vanheste en zijn moeder (59)
  60. Willy Vanheste, zijn dochters en zijn vrouw (60)
  61. Dirk Bisschop op de moto (61)
  62. Dirk Bisschop niet te paard (62)
  63. Dirk Bisschop op de fiets op rollen (63)
  64. Dirk Bisschop en de sigaret (64)
  65. Daniël Vanpoucke op het voetbal (65)
  66. Daniël Vanpoucke en de jeugd (66)
  67. Daniël Vanpoucke en zijn vrouw (67)
  68. Daniël Vanpoucke en zijn zoon (68)
  69. Roland Defreyne en zijn hond (69)
  70. Roland Defreyne gaat fitnessen (70)
  71. Roland Defreyne verkoopt een pastorie (71)
  72. Roland Defreyne op het gemeentehuis (72)
  73. Jan Seynhaeve schaatst (73)
  74. Jan Seynhaeve loopt (74)
  75. Jan Seynhaeve leest (75)
  76. Jan Seynhaeve luistert naar muziek (76)
  77. Marc Vanden Bussche gaat een Panamarenko kopen (77)
  78. Marc Vanden Bussche bezoekt het Europees Parlement (78)
  79. Marc Vanden Bussche wandelt aan het strand van Koksijde (79)
  80. Marc Vanden Bussche gaat een pintje drinken (80)
  81. Luc Dehaene gaat naar het voetbal kijken (81)
  82. Luc Dehaene over zijn fietsongeval (82)
  83. Luc Dehaene bij zijn ouderlijk huis (83)
  84. Luc Dehaene en het diner bij hem thuis voor Breyne, Leterme en Durnez (84)
  85. Walter Ghekiere over het rijke fietsverleden van Moorslede (85)
  86. Walter Ghekiere gaat eten met zijn vriendin (86)
  87. Walter Ghekiere en de jacht (87)
  88. Walter Ghekiere drinkt een pintje (88)
  89. Daniel Denys en zijn vrouw over het nakend afscheid van het ambt (89)
  90. Daniël Denys en het voetbal (90)
  91. Daniël Denys en Freddy Maertens (91)
  92. Daniël Denys en zijn stadhuis (92)
  93. Norbert Decuyper en het toneel (93)
  94. Norbert Decuyper en zijn vrouw (94)
  95. Norbert Decuyper en zijn gedicht over Torhout (95)
  96. Norbert Decuyper op het stadhuis (96)
  97. Karlos Callens en de duiven (97)
  98. Karlos Callens en zijn gedichten (98)
  99. Karlos Callens en zijn vrouw (99)
  100. Karlos Callens gaat een nieuw kostuum kopen (100)
  101. Ivan Cattrysse en zijn stamboom naar aanleiding van zijn 65ste verjaardag (101)
  102. Ivan Cattrysse en de fanfare (102)
  103. Ivan Cattrysse en zijn vrouw op de billenkar (103)
  104. Ivan Cattrysse en zijn fietsenzaak (104)
  105. Bernard Heens wandelt (105)
  106. Bernard Heens is advocaat. (106)
  107. Bernard Heens en de reuzen (107)
  108. Bernard Heens en de mand van Heuvelland (108)
  109. Jean Vandecasteele en Vande Lanotte dopen de Nele (109)
  110. Jean Vandecasteele gidst in het park (110)
  111. Jean Vandecasteele en de plechtigheid van de oudstrijders (111)
  112. Jean Vandecasteele in het stadhuis  (112)
  113. Paul Deprez op de toneelplanken (113)
  114. Paul Deprez wandelt (114)
  115. Paul Deprez en de literatuur (115)
  116. Paul Deprez en zijn schooltijd (116)
  117. Georges Gheysens op de rommelmarkt (117)
  118. Georges Gheysens op het containerpark (118)
  119. Georges Gheysens thuis (119)
  120. Georges Gheysens mediteert (120)
  121. Josiane Lowie op het gemeentehuis (121)
  122. Josiane Lowie thuis en bij de verbouwingen bij de buren (122)
  123. Josiane Lowie op het werk (123)
  124. Josiane Lowie loopt (124)
  125. Michel Landuyt en het aperitiefconcert (125)
  126. Michel Landuyt en de redders van Middelkerke (126)
  127. De Schooljaren van Michel Landuyt (127)
  128. Michel Landuyt en zijn dochter Griet (128)
  129. Alain Wyffels en zijn gezin (129)
  130. Alain Wyffels en zijn oma (130)
  131. Alain Wyffels en zijn opa (131)
  132. Alain Wyffels en zijn werk (132)
  133. Claude Croes en zijn gezin (133)
  134. Claude Croes trouwt zijn vriend (134)
  135. Claude Croes holt van het ene feest naar het andere (135)
  136. Claude Croes bij ma en pa (136)
  137. Walter Van Parijs en zijn familie (137)
  138. Walter Van Parijs gaat fietsen (138)
  139. Walter Van Parijs gaat varen (139)
  140. Walter Van Parijs als landmeter met zijn zoon (140)
  141. Willy Verledens en zijn tweelingsbroer (141)
  142. Willy Verledens en zijn biografie (142)
  143. Willy Verledens en de tuin van het kasteel (143)
  144. Willy Verledens en zijn mondmuziekske (144)
  145. Roland Crabbe danst op ‘Vlaanderen Zingt’ (145)
  146. Roland Crabbe en zijn reus (146)
  147. Roland Crabbe op zee (147)
  148. Roland Crabbe op de bouwwerf (148)
  149. Luc Decavele verwelkomt de St.Pietersbosseniers op het stadhuis (149)
  150. Luc Decavele gaat naar de mis en legt een krans voor de oudstrijders (150)
  151. Luc Decavele en zijn schoonvader Léon (151)
  152. Luc Decavele en zijn gezin (152)
  153. Ignace Dereeper vertelt over hoe hij de val van de priester overleefde en waarom de Bruggelingen dieven zijn. (153)
  154. Ignace Dereeper op de markt (154)
  155. Ignace Dereeper in de supermarkt (155)
  156. Ignace Dereeper bij zijn gezin (156)
  157. Hendrik Verkest bij de varkens (157)
  158. Hendrik Verkest is een politiek dier: met Leterme (158)
  159. Henrik Verkest op de bouwwerf en bij de petanqueclub (159)
  160. Hendrik Verkest plant een boom (160)
  161. Willy Vanhooren en de schoolkinderen (161)
  162. Willy Vanhooren en het Staf Versluyscentrum (162)
  163. Willy Vanhooren gaat fietsen (163)
  164. Willy Vanhooren en de zee (164)
  165. Sandy Evrard en hoe heel Mesen familie is (165)
  166. Sandy Evrard speelt muziek (166)
  167. Sandy Evrard en zijn vrouw (167)
  168. Sandy Evrard en zijn gezonde eetlust (168)
  169. Geert Debaillie met zijn gezin en zijn koeien (169)
  170. Geert Debaillie met zijn koeien en zijn zoon (170)
  171. Geert Debaillie op café en op de markt (171)
  172. Geert Debaillie op een huwelijksplechtigheid (172)
  173. Christof Dejaegher en zijn tweeling (173)
  174. Christof Dejaegher en zijn vrouw en de brandweer (174)
  175. Christof Dejaegher en het concert (175)
  176. Christof Dejaegher en zijn ouders  (176)
  177. Henri Cuypers en zijn familie (177)
  178. Henri Cuypers en zijn Meetkerke (178)
  179. Henri Cuypers, de oorlog en de worst van slager Herman (179)
  180. Henri Cuypers gaat kaarten in het Boldershof (180)
  181. Dirk Walraet en zijn hond Cooper in de gemeentelijke complexen van Spiere-Helkijn (181)
  182. Dirk Walraet en zijn rijkemansgemeente (182)
  183. Dirk Walraet en de plaatselijke industrie (183)
  184. Dirk Walraet gaat kaarten (184)


19:27 Gepost door Microman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |